Blog

  • Relance of farce?

    De federale regering zou dit jaar eens iets gaan doen aan de werkloosheid, meer bepaald de jongerenwerkloosheid. Vrolijk presenteerde minister De Coninck haar ingenieus plan om jongeren aan het werk te krijgen: de jongerenstages. Een zoveelste gecompliceerd initiatief om bedrijven te stimuleren jongeren een kans te geven. Ooit was er het Rosetta-banenplan, er zijn de startbaners, er is het Activaplan voor 27-minners en God weet ik veel wat nog allemaal. Minister De Coninck vergat misschien eerst een inventaris te maken van de huidige bestaande maatregelen? En al even gemakkelijk vergat ze een bevraging bij werkgevers af te nemen over de succesfactoren en de valkuilen van elk van deze maatregelen?

    ‘Laat ons niet moeilijk doen’, zal ze bij zichzelf gedacht hebben. We knallen er gewoon nog een maatregel bij, dan kunnen ze niet zeggen dat ik niks gedaan heb. Werkgevers rolden met hun ogen toen ze ’s anderendaags de krant open sloegen. Kritiek werd vakkundig weg geveegd. Wat blijkt nu? Van de TIENDUIZEND stageplaatsen die minister De Coninck te voorschijn toverde uit haar grote hoed, zijn er bijna vijfhonderd ingevuld. Dat is 5%! Minister De Coninck en Minister Muyters (nog zo een rekenwonder) schuiven de schuld in elkaars schoenen. Want verantwoordelijkheid nemen, dat doen we niet graag hè.

    Gemeenschapsdienst voor langdurig werklozen

    Maar wel ondertussen lachen met het voorstel van senator Rik Daems om langdurig werklozen te verplichten wat gemeenschapsdienst te doen. Waar haalt hij het toch vandaan? Je gaat een werkloze toch niet laten werken voor zijn geld zekers?  Wel… Als het gaat om een gezonde werkloze die arbeidsgeschikt bevonden wordt door een arbeidsgeneesheer… Dan zou ik niet weten waarom dat niet kan. Activering is naar mijn mening een sleutelwoord om onze sociale zekerheid leefbaar te houden. Ik werp geen steen naar mensen die willen werken maar het niet kunnen. Dat dat nu ligt aan hun gezondheid of aan andere factoren, het maakt me niks uit. Hen viseer ik niet.

    Maar er zijn onder de werklozen een aantal sujetten die wel kunnen werken maar het niet willen. Moeten we hen dan gelijk geven en hen met rust laten? Accepteren dat ze blindelings in de werkloosheidsval trappen en daar later de gevolgen van dragen, zo tegen dat de pensioengerechtigde leeftijd dichterbij komt? Toelaten dat deze mentaliteit wordt overgebracht op hun kinderen en kleinkinderen waardoor het fenomeen van de generatie-armoede blijft groeien? deze week is er weer de jaarlijkse werelddag tegen armoede, het biedt wat stof tot nadenken. Het is niet mijn bedoeling om met deze tekst heilige huisjes in te trappen. Integendeel.

    Mensen die zich te pletter solliciteren en toch niet aan de bak geraken en mensen die tegenslag hebben met hun gezondheid zijn niet de mensen waar ik het in dit artikel over heb. Het gaat me louter om diegenen die op de kap van anderen genieten van de voordelen die verbonden zijn aan hun statuut. Zij die pertinent jobs weigeren en er nog mee weg komen ook omdat de VDAB dit niet steeds naar behoren kan opvolgen. Zij die er voor zorgen dat bij de actieve beroepsbevolking het aantal depressies en burn-outs almaar blijft toenemen. Geef deze mensen alsjeblieft een pedagogisch verantwoorde tik! In de tijd van mijn oma kregen ze een schop onder hun hol waar ze 3 dagen van mank liepen. Maar werken deden ze nadien wel.

    Voka en Unizo

    Ik volg de kritiek van Voka en Unizo wel. Er zijn zodanig veel maatregelen en tussenkomsten waar telkens andere voorwaarden aan verbonden zijn. Werkgevers zien door de bomen het bos niet meer. Beste minister De Coninck, u kan best eens grote schoonmaak houden in deze maatregelen. Het ganse systeem vereenvoudigen zal er voor zorgen dat werkgevers meer hun weg vinden in het kluwen. Nieuwe jobs kan het bedrijfsleven niet zomaar uit haar mouw schudden, zeker niet in de huidige economische situatie. Maar men zal mensen eerder een kans kunnen geven om bij te leren tijdens een stage of via een tewerkstellingsmaatregel als het allemaal wat eenvoudiger zou zijn. Misschien kan u eens te rade gaan bij Vincent Van Quickenborne, hij kent naar het schijnt wel wat van administratieve vereenvoudiging 😉

  • Efficiënt onderhandelen doe je zo!

    We proberen onze kindjes op te voeden tot beleefde maar mondige burgers. Ze mogen hun mening uiten op een fatsoenlijke manier. Vandaag waren ongeveer vijftig personen getuigen van de doorgedreven onderhandelingsskills van onze jongste (3,5 jaar oud). We zaten gezellig samen voor een etentje op zondagnamiddag in een gezelschap dat vooral bestond uit volwassenen, aangevuld met enkele kinderen. Het menu lag vast, we aten wat de pot schafte. En het was verdikke lekker!

    Voorgerecht en hoofdgerecht passeerden zonder al te veel kleerscheuren en gemopper. Ok, ze waren jaloers op mijn stukje zalm want dat verkozen ze boven hun kaaskroket maar ze konden er mee leven. Het eten was overigens piekfijn in orde en het personeel heeft duidelijk ervaring met kinderen.

    De kindjes kregen allemaal een ijsje als dessert. Ze waren helemaal in extase want ze mochten zelf in de keuken een ijsje gaan kiezen van de bedieningsmijnheer! Fier als een gieter trippelden ze achter hem aan. Mijn 2 oudsten kwamen blij terug met hetzelfde raketijsje. Suiker met bevroren water dus. De jongste bleef achter. Lang. Verdacht lang. Zijn bijnaam is Raketman dus per seconde dat hij langer achterbleef dan broer en zus, kneep Koning Angst meer en meer in mijn aorta.

    Het werd De Wederhelft te veel. Hij wandelde naar de keuken om te kijken in welke oven de kleinste gekropen was. Daar stond hij rustig te wachten op zijn ijsje. Want onze Raketman doet niet mee aan kuddegedrag noch aan sociaal wenselijk antwoorden en eten. Hij had geen zin in een waterijsje. 1 meter kleuter keek eens naar boven en vroeg aan de mijnheer een ijsje met kokolàà. Zijn grote, blauwe kijkers zullen ook wel hun werk gedaan hebben. Parmantig kwam hij terug binnen met een hoorntje met daarop een gigant van een bol chocolade-ijs. Ik was jaloers. Hij beweert trouwens dat hij appeliet (alstublieft) gezegd heeft dus voor mij was het ok. De 2 anderen kregen het in de mot en dachten bij zichzelf ‘verdikke toch, we hebben ons weer laten vangen en hij heeft het wéér geflikt!’ Maar ze smulden zonder mopperen verder van hun raketijsje.

    Onze pagadders zijn 3 kleine Bourgondiërs dus je zag vooral de kleinste met smaak zijn ijsje, zijn trofee, verorberen. Hij likte met zichtbaar genoegen aan zijn chocolade-ijs, draaide het hoorntje helemaal rond terwijl hij zijn tong uitstak en proefde zo ongetwijfeld elk bestanddeel dat in het ijs verwerkt zat. Toen het grootste gedeelte van zijn bol op was, paste hij zijn tactiek aan als volgt:

    IMAG0158

    Graafwerken Raketman prutste vervolgens de laatste druppel ijs uit het hoorntje. Ondertussen zag ik verschillende mensen wijzen en glimlachen. Het eindresultaat zag er ongeveer zo uit:

    IMAG0160

    En toch. Lach maar, het is geen zicht, ik weet het. Maar hij heeft dankzij zijn efficiënte onderhandelingstechnieken toch maar ferm zijn zin gekregen. Niks kuddegedrag en beleefdheidshalve kiezen wat de rest kiest. Nee, hij komt netjes uit voor zijn mening. En geloof me vrij: er waren aanwezigen die gerust hun dessert met dat van hem wilden ruilen (ook al was dat ook erg lekker). Maar wij volwassenen durven dat te weinig: opkomen voor onze eigen mening en onze eigenheid verdedigen. Wij, groote menschen, zullen eerder tegen onze zin iets aanvaarden waar we ons niet goed bij voelen omdat we bang zijn voor de reactie van de ander.

    Wel, zelfs een driejarige bewijst nu dat je geen schrik hoeft te hebben. Nee heb je en ja kan je krijgen. Zolang je maar beleefd blijft en de ander respecteert. En als dat niet werkt: zielig kijken!

  • Manicure

    In de aanloop naar mijn 32e verjaardag besloot ik eens een keertje zot te doen. Via een kennis ontdekte ik een jongedame die manicures aanbiedt tegen een héél aantrekkelijk tarief. Ik heb nog nooit aan mijn handen laten prutsen dus met een onbevangen hoofd reden Schone Zus en ik er vandaag naartoe. Daar kregen we elk een manic-uur. Zo lang duurt dat blijkbaar. Ik heb daar veel bijgeleerd over vingers, nagels en wat je daar allemaal mee kan aanvangen.

    Eerst kregen we een vinger/hand/onderarmmassage. Dat deed deugd, geen enkele van mijn hyperlakse vingerkootjes sprong uit de kom! Daarna een handverzorging, een nagelverzorging, grootse verfwerken en een laagje handcrème. Gratis toemaatje: een goede babbel met een jongedame naar mijn hart. Echt.

    19 lentes telt ze nu vertelde ze me. Awel, in haar kleine teen heeft ze meer maturiteit dan veel van haar leeftijdsgenoten. Deze dame weet wat ze wil in het leven en hoe ze dat moet bereiken. En ze gaat er voor! Doelgericht kiest ze niet voor de makkelijkste weg. Wat me raakte is haar ondernemingszin. 19 jaar en vol passie praten over je toekomstige beroep en het zelfstandigenstatuut, dat siert haar. Toen ik 19 jaar was, wist ik nog niet zo goed als zij hoe ik wilde dat mijn professionele leven er uit zou gaan zien. Het is geen evidentie in deze economische tijden om zelf iets uit de grond te stampen. Om te kiezen voor het ondernemerschap met alle baten en lasten die er aan vast hangen.

    Ze heeft een knap concept uitgedacht dat ze op de markt wil smijten. Om het met wat jargon uit te drukken: ze heeft een USP om u tegen te zeggen. Hoedje af! Commercieel denken doet ze ook zonder dat het haar aangeleerd werd. Ze studeert nog en om de stiel te kunnen leren, biedt ze manicures aan tegen een aangenaam tarief. Voordeel voor de klant en leerkans voor haarzelf. Double win dus. Ze sprak op voorhand met mij een prijs af. Nadien voerde ze een lichte prijsverhoging door maar toch hield ze zich nobel aan onze afspraak. Ik wist niet eens dat haar tarieven gewijzigd waren! Ze gelooft niet zomaar wat de school haar wijsmaakt als het op de aankoop van lesmateriaal aankomt. Neen, ze is kritisch en gaat zelf op onderzoek uit… En ontdekt uiteraard dat de school de studenten een beetje in het zak zet. Voor zichzelf heeft ze op deze manier een veel betere deal met een lokale handelaar kunnen sluiten.

    Terwijl ik dit tekstje typ, kijk ik naar mijn nageltjes en denk… Jij ziet me nog terug!

    IMG_0378

  • Tablets en champignons

    Tablets en champignons: ze zullen nooit vriendjes worden. Ik wist dat niet. Vandaag mocht ik het proefondervindelijk leren. Wij kochten enkele jaren geleden in China een voddentablet. Zo een spotgoedkoop dingetje dat ze dan nog eens gratis verzenden ook. En dat werkt dus effectief hè! Het enige nadeel is dat de batterij het niet al te lang trekt. Maar voor de kinderen is dit een perfect instrument om spelenderwijs vertrouwd te raken met de moderne technologie.

    Jaja, want de kinderen die krijgen alles kapot en de kinderen maken alles vuil en smerig. We kopen dus geen dure tablet maar laten hen eerst met zo een goedkoop dingetje hun gang gaan. Die kinderen toch. Wie is nu de eerste die de tablet met permanente vetzakkerij heeft opgezadeld? Juist ja: ondergetekende. De wederhelft hangt die dingen met hun adaptor op de zotste plaatsen aan de stroom om terug op krachten te komen. Eén van zijn favoriete plaatsen is de keuken, pal naast de elektrische kookplaat.

    De kookplaat waar ik bijvoorbeeld pasta carbonara maak. Ik doe daar altijd champignons bij. Zal ik eens iets vertellen over champignons? Niet alleen wonen daar de marginale kabouters in die geen paddenstoel kunnen betalen, nee hoor. Champignons leven en hebben emoties en ze voelen pijn.  Ik had net 500 gram van die onnozelaars in plakjes gesneden en in de pan gesmeten. Krijsend ondergingen ze hun lot. Toen wilde ik ze in een bord mikken zodat ze konden uitlekken op huishoudpapier. Enkele van die smeerlapjes kregen de tablet in de gaten en sprongen er op als halve wilden!

    Daar lagen ze dan verminkt te wezen op de tablet. Als straf kregen ze een enkele rit naar mijn maag. De tablet heeft nu een vetvlek. Ik krijg die niet fatsoenlijk weg. Een blijvende herinnering aan de marteling van de killer-champignons.

     

  • Hoe word ik een fashionista in elfendertig lessen?

    Ik ben altijd zo een beetje een kwajongen geweest. Dat uitte zich lange tijd in mijn kleerkast. Rokjes of kleedjes vonden er de weg niet naartoe. Tot ik mijn hormonenspiegel helemaal zot maakte met enkele zwangerschappen. Misschien al wat eerder, ik weet het eigenlijk niet zo goed meer. Ik besloot het project ‘Vervrouwelijking’ in het leven te roepen.

    Voor de duidelijkheid: dit project slaat enkel op mijn kledingstijl. De rest van ondergetekende vervrouwelijken, is onbegonnen werk. Als u daar anders over denkt dan mag u eens een avond met mij op stap gaan. Anyway… Ik begon rokjes en kleedjes en van die toestanden te kopen. Niks fancy en niet te veel tralala er aan. Kleine stapjes An, kleine stapjes.

    Ik keek en zag dat het goed was. Dus ik kocht nog meer rokjes en kleedjes. Zelfs vrouwelijke bloesjes trokken mijn aandacht. Het feit dat ik een dochter op de wereld zette, heeft hier een belangrijke rol in gespeeld. Voor haar slaag ik er in een leuke outfit samen te stellen en knappe koopjes op de kop te tikken. Miss H komt altijd ferm voor de dag. Dan moet het voor mezelf toch ook eens wat beter gaan lukken hè. Dus sinds zij er is, heb ik project Vervrouwelijking een versnelling hoger geschakeld. Zoals het een drukbezette fashionista betaamt, koop ik geregeld online. Meestal met de kredietkaart van de wederhelft, dat maakt het wat gemakkelijker 🙂

    Onlangs was het weer zover. Op Vente-Exclusive ontdekte ik Savage Culture. Het merk doet me sterk denken aan één van mijn favorieten: Desigual. Ik bestelde prompt enkele leuke dingetjes om uit te proberen. Vandaag werden ze geleverd… Het zijn prachtige items! Kleurrijk en veel frulletjes en franjes en heel de santeboetiek! En toen kwam de maar… Ik kon me niet meer herinneren of ik die spullen nu moet dragen als kleedje met een legging er onder of dat het truien zijn of dat het zo iets is wat er tussen in moet zweven. Gedver toch.

    Dan maar even te rade gaan bij Google. Die maakt me niet veel wijzer. Op de website van het merk kan ik één van de bestelde items traceren en vaststellen dat het een chemisier is. Het andere blijft me een raadsel. Ik ga er me het hoofd niet over breken: het wordt voor mij een rolkraagtrui of hoe dat officieel ook mag heten.

  • Zinloos geweld

    Soms denk ik dat ik maar beter geen kranten meer lees. Dit artikel trok vandaag mijn aandacht. Schrijnend en bijna iedereen zal het ongetwijfeld erg vinden. Zelf heb ik lang gewerkt in de horeca. Ik ben er eigenlijk zo een beetje in opgegroeid. Waarmee ik absoluut niet gezegd wil hebben dat dit een goede zaak is. Maar het maakt wel dat je dit soort artikels anders bekijkt. Als ik het artikel lees, kan ik me al een beetje voorstellen hoe één en ander gegaan is.

    Het laat nog maar eens zien dat overdaad schaadt. Altijd en overal. Da’s voor alcoholgebruik niet anders. Een man van 49 wordt vermoedelijk buiten gebonjourd omdat hij te dronken (misschien ook ambetant, agressief, …) is en keert terug om van zijn oren te maken. Nog steeds dronken. Een groepje jongeren heeft het met hem gehad en maakt dat duidelijk en bàm: ’t is gebeurd. Het zit in een klein hoekje beste mensen. Dit schrijf ik op basis van wat ik las in het artikel, het kan zijn dat de ware toedracht anders is. Maar de feiten blijven de feiten: een knaap van 18 jaar is er niet meer en zal er nooit meer zijn.

    Ik heb indertijd ook klanten vriendelijk verzocht de zaak te verlaten, ik weigerde hen nog drank te geven. Het enige dat ik voor hen nog wilde doen, was een taxi bellen zodat ze veilig zouden thuis geraken. Ik was toen een snotneus van pakweg 16 (!) jaar. Nu is dat bijna ondenkbaar. Als ik dan dergelijke artikels lees, lopen de koude rillingen zo over mijn rug. Vaak stond ik op een vrijdagavond of zaterdagavond alleen in het café waar ik werkte. Als snotter van 16. Ik zag daar toen geen graten in, integendeel. Ik vond het tof dat de eigenaar me vertrouwde. Ik wandelde zelfs te voet naar huis nadat de keet gesloten was. Nu durf ik dat niet meer en mijn kinderen zouden het niet mogen. Ze mogen in de horeca werken maar in het holst van de nacht hoeven ze niet over straat te dwalen. Dan zet ik nog liever mijn wekker om ze te gaan oppikken. Ik zou het mezelf nooit vergeven als hen iets zou overkomen wat ik had kunnen vermijden.

    In de horeca heb ik trouwens meer geleerd over mensen, relaties, interacties, persoonlijkheidstypes dan in mijn opleiding tot personeelswerker. Wie wil werken in de sociale sector, zou eigenlijk verplicht enkele maanden moeten meedraaien in een bruine kroeg. Iets later lees ik dit artikel. Dat stemt me al iets positiever. Het is goed mogelijk dat de dader van deze steekpartij zijn straf effectief zal moeten uitzitten. Hopelijk voor meer dan 1/3e. Het geeft die man wat tijd om na te denken. Enerzijds over wat hij aangericht heeft en anderzijds of het dat nu waard was.

  • Verkeersagressie in Diest

    Vrijdagavond… Weekend! Iedereen haast zich naar huis. Ik dus ook. Eerst even de kinderen oppikken in de opvang en dan rijden we goedgemutst… 150 m… om dan in de file te belanden ter hoogte van de Halve Maan. Grmpf, lang leve het mobiliteitsplan. Ik schuif flink mee aan en blijf er rustig bij. Want het is weekend. Het kan geen kwaad dat we wat later thuis zijn vandaag.

    Ter hoogte van het kruispunt met op de ene hoek Crélan en op de andere hoek één of ander bruin café, besluit ik een andere weg richting thuishaven te nemen. We slaan af naar links en passeren café De Zwaan en rouwcentrum Julis. So far so good: niks file hier, goedgeluimde mensen op het voetpad en langs beide straatkanten staan auto’s geparkeerd. Zo hebben ze daar voor een natuurlijke snelheidsremmer gezorgd.

    Dat maakt wel dat je maar moeilijk tweerichtingsverkeer in de straat kan organiseren maar hey, ’t is weekend en ik vind het niet erg.  We rijden richting kerkhof om dan naar rechts af te slaan en zo terug aan de Hasseltsepoort uit te komen. Dat is het plan althans. Als ik het einde van de straat nader, zo ongeveer waar de kasseien van de Vervoortplaats beginnen, doet er zich een akkefietje voor. Met mij. Maar ik ben vrolijk.

    Ik rijd netjes aan de juiste kant van de weg met mijn Berlingo, gevuld met 3 kinderen. Op de beschikbare oppervlakte welteverstaan, rekening houdend met de geparkeerde wagens op beide rijvakken. We rijden hoogstens 25 km/uur. Als je van de ring richting Vervoortplaats rijdt, heb je een erg slecht zicht op het verkeer dat van de Vervoortplaats komt om richting ring te rijden. De geparkeerde wagens aan beide straatkanten zijn geen hulp.

    Als er dan een dwaas in een gammel wrak komt afgeraasd tegen minstens 70 km/uur, heb je die al zeker niet gezien. Aangezien mijn Berlingo zich bevond waar ie zich moest bevinden, kon ik dus geen kant op. De lamstraal vond het maar normaal dat hij tegen onaangepaste snelheid de straat in wilde scheuren via het verkeerde rijvak. Ik had die dus echt niet zien afkomen hè. Ik schrok me rot en bleef met mijn Berlingo staan. Dit alles speelt zich af in amper 2 seconden. De bestuurder van het gammele wrak is erg boos op me. De raampjes van zijn wagen zijn dicht, die van mijn Berlingo ook.

    Toch hoor ik hem in het Broebeliaans allerlei verwensingen naar mijn hoofd slingeren. Ik was zo uit mijn lood geslagen dat ik het pas door had toen hij al uit het zicht was. Zelfs de kinderen hadden het opgemerkt. Wat heb ik in hemelsnaam verkeerd gedaan? Had ik een andere auto moeten rammen om mijnheer door te laten? Goed wetende dat ik dan ‘in fout’ ben en zelf kan opdraaien voor de kosten? Als hij wil spookrijden tegen hoge snelheid is dat zijn zaak maar dan zou ik graag hebben dat hij dat ergens in de brousse gaat doen waar hij er niemand mee kwaad kan doen.

    Een tegenligger die zich houdt aan de verkeersregels dan nog onverstaanbaar beginnen uitschelden, vind ik er wel ver over. Ik zie hem nog zo voor me: zijn pupillen wijd, zijn vuist omhoog. Het scheelde geen haar of hij knalde frontaal op mijn wagen. Gevuld met 3 kleine kinderen. Ik mag er niet aan denken.

  • Dr Oetker weet wat goed is.

    Fuck Flecki, ik wil echte pudding! Uit een pakje welteverstaan. Flecki und Paula kunnen me niet bekoren. Als ik zin heb in pudding, dan moet dat vers gemaakte pudding zijn. Bloedhete pap die recht van het vuur komt. Liefst vanillepudding, ‘de gele’. Daar dan een halve camion pure hagelslag in gooien zodat die smelt. Het resultaat ziet er uit alsof het de binnenkant van Flecki van voor tot achter gezien heeft. Maar het smaakt hemels.

    Eens ik me ‘zoewe dempig as ne meutte’ gefret heb, gaan de resterende portie in de koelkast. Er zijn immers huisgenoten die vinden dat pudding koud moet zijn. Gruwel. ’s Anderendaags feest ik verder. Dan gaat er een potje mee naar het werk, samen met een ienie mienie potje hagelslag. Als er dan zo een ergerlijk voormiddaghongertje de kop op steekt, knal ik mijn potje gele pudding in de microgolf en hop: heaven in het kwadraat besprenkeld met hagelslag! ’s Anderendaags is de pudding immers geen vloeibaar spul meer waar je je bek aan verbrandt. Nee, het is dan aangenaam warme gele brokkenpap.

    Als ik eens helemaal gek wil doen, leg ik een koekje op de bodem van mijn puddingpotje. Daar giet ik de pudding dan over om na afkoeling te genieten van een lekker tussendoortje. Zonder hagelslag nog wel. Of om het leuk te maken voor de kinderen: de potjes vullen met pudding en nadien met bijvoorbeeld frambozencoulis hartjes maken op het velletje dat zich vormt tijdens het afkoelen.

    Sinds mijn eetplan, dat ik nog steeds geen dieet wil noemen, heb ik het recept wel aangepast. Ik gebruik magere melk en minder suiker bij de bereiding maar compenseer dat dan met een extra laagje hagelslag 🙂 Sinds mijn niet – geslaagde polsoperatie zijn er periodes dat ik niet zo goed overweg kan met de garde. Gelukkig heb ik op die momenten een wederhelft die weet wat belangrijk is voor een chocoholic…

  • Die scholen toch…

    Onze 3 stuks gaan allen naar dezelfde school. 2 stuks leven zich uit in de kleuterschool, de oudste promoveerde vanaf dit schooljaar naar de lagere school. Erg handig is dat. ’s Morgens dump je ze zet je ze af op één plaats en ’s avonds kan je ze terug gaan oppikken op 1 locatie. Bijkomend voordeel: de schoolvrije dagen vallen altijd samen. Vandaag was er zo eentje.

    Graag zou ik het onderwijzend personeel en de directie van de school bedanken om net vandaag een schoolvrije dag in te plannen. We hebben hier volle bak genoten van het mooie nazomerweer! Een ganse namiddag hebben ze zich buiten geamuseerd. Hun vitamine D – peil is terug ok nu 🙂 Het bood mij de gelegenheid om nog wat spullen in te pakken voor onze naderende verhuis…

  • WK slipschieten

    Mijn Raketman is een creatieve ziel. Speelgoed dient om te slopen en spelen doen we met al de rest. Met die ingesteldheid huppelt hij olijk door het leven. Vandaag vond hij een nieuwe olympische discipline uit: slipschieten.

    Terwijl ik me in de kelder ontfermde over de bergen was die me sarcastisch toelachen, hoorde ik boven 2 kleuters lachen, gieren en brullen. Denk wat je wil maar dat is nooit een goed teken. Nooit. Ik kom terug de keuken in en daar staan ze. De ene kijkt zo mogelijk nog gespeeld onschuldiger dan de andere. Op het eerste zicht zie ik niks verdachts: geen bloempotten op de grond, de katten leven nog en de muren hebben ook nog een normale kleur.

    Ik bekijk mijn heilige kinders onderzoekend. Ze zijn duidelijk niet van plan me te vertellen wat ze uitspookten. Ik zet mijn zoektocht verder. Plots zie ik het maar mijn euro valt nog niet. Er ligt een slip op het aanrecht. Tiens, ik heb die daar toch niet gelegd? Er hangt een slip in mijn peperplantje, Buzz Lightyear knipoogt naar me. Een slip siert de verlichting van de eetkamer. Ik draai me om en zie Raketman nog net met een dodelijke precisie mikken op mijn wasmand! De slip houdt hij vast als een katapult en is helemaal opgespannen: klaar om te vuren.

    Ik vind het zo origineel dat ik moeilijk boos kan zijn. Vermanend zeg ik dat hij niet meer met zijn onderbroeken mag schieten waarop hij me schattig aankijkt en gaat spelen. Met echt speelgoed deze keer.