Blog

  • De kapoentjes gaan op kamp…

    De kapoentjes gaan op kamp…

    Vandaag brachten we met zijn allen zoonlief naar zijn eerste groot scoutskamp. Voor het eerst zal hij een ganse week van huis zijn. Ik vind het erger dan hijzelf vermoed ik. Hoewel, hij leefde er met een klein hartje naartoe. Op voorhand vloeiden er wat traantjes, en rezen er veel vragen in zijn knappe hoofdje. Dat hij me echt hard gaat missen als hij zo lang op kamp zal zijn. Of ze daar ook een douche hebben? En gaat het eten daar lekker zijn? Uiteraard kwamen de tranen en de vragen alleen als hij broer of zus nergens in de onmiddellijke omgeving bespeurde. De macho 🙂

    Samen pakten we zijn spulletjes bij elkaar. Hij vond mijn oplossing voor het gemis gelukkig oké: hij kreeg foto’s van mama, papa, broer en zus mee om naar te kijken als hij het moeilijk heeft. Natuurlijk gaan we ook een briefje naar onze oudste van het nest schrijven. Hij hees zich vanmiddag in zijn verkleedkleren, nam zijn bagage vast en hop, weg waren we. Naar het buitenland nog wel, alsof het allemaal nog niet spannend genoeg was voor onze held op sokken.

    Dankzij enkele fameuze wegomleidingen, zondagskoersen en wegen waar een GPS nog nooit van hoorde, arriveerden we fashionably late. We waren niet de allerlaatsten, Robin zou het ons nooit vergeven hebben. Dat heeft hij van zijn mama :$ De autorit was een hel. Robin was bloednerveus en dat straalde af op broer en zus. Gelukkig bereikten we onze bestemming zonder gewonden.

    De kroost keek met open mond en wijd opengesperde ogen naar het hele kampgebeuren. Meteen begonnen 6 TripleTrouble-oogjes te blinken toen ze de slaapzaal in de mot kregen. Wow, zoveel volk op 1 kamer, dat is een garantie voor feestjes na bedtijd! De omgeving scoorde ook bonuspunten: veel groen en veel plaats om te ravotten én… muziek buiten! Na een innig afscheid was het tijd om huiswaarts te keren.

    IMG_1006 IMG_1008

    Eens thuis gekomen begonnen broer en zus wat onwennig te worden. We stelden hen gerust dat wij een briefje naar Robin gaan schrijven en dat hij op zaterdag terug naar huis komt. Heleen, 5 jaar, begon meteen aan haar eigen brief. Daaruit bleek weer maar eens: haat en liefde ligt dicht bij elkaar 🙂

    IMG_1011Robin, zal je ons nog graag zien? Tot zaterdag!

  • De kleur van bloed

    Dankzij de zoon heb ik weer iets bijgeleerd. Het kind las gisteren in de vakantie-opvang een stripverhaal van Kiekeboe: Het Witte Bloed. Allemaal goed en wel, niks aan de hand tot het tijd was voor bed. Tig keren kwam hij terug naar beneden om me vragen te stellen over wit bloed. Hij had zelfs gezien dat zijn arm, die op zijn hoofdkussen met zwarte kussenhoes lag, nogal wit was. Dat betekent zeker dat hij ook wit bloed heeft! Grote paniek en veel tranen!

    Ondanks zijn 7 levensjaren kroop hij maar wat graag op mijn schoot om even tot rust te komen. Hij heeft wel degelijk rood bloed. ‘Kijk maar eens naar de aders op je hand, die zien blauw. Dat betekent dat er rood bloed in zit.’ (kinderlogica is op dat moment een vergiftigd geschenk) ‘Misschien bestaan er dieren met wit bloed, maar dat weten we niet. Alleszins zullen ze zich niet in onze buurt bevinden.’ Nog wat huilbuien later leerde ik hem een trucje om het witte bloed uit zijn hoofd te krijgen.

    Dat werkte wonderwel zodat hij ergens tussen 21u en 22u in slaap viel. Zijn eerste vraag vanochtend: ‘Mama, heb je al opgezocht of er dieren bestaan met wit bloed?’ Marcel Kiekeboe, ik vervloek u! Wikipedia leerde ons dat ijsvissen die leven onder zeer lage temperaturen wit bloed hebben. Een zuurstofdragende stof blijkt niet nodig te zijn aangezien er al genoeg zuurstof opgelost kan worden in het bloedplasma.

    Er bestaan zelfs beesten met roze, groen of zelfs blauw bloed. Dit had ik allemaal niet geweten als zoonlief dat stripverhaal van Kiekeboe niet gelezen had. Ouders, laat je kind gerust stripverhalen lezen. Onrechtstreeks steek je er zelf ook nog wat van op. Morgen vraag ik in de opvang wel dat ze zoonlief een album van Jommeke in zijn handen duwen als hij wat wil lezen 😉

  • In Flanders Fields…

    In Flanders Fields…

    IMG_20140630_074738

    Dit boekje leende ik van een collega. Ik nam me voor het tijdens mijn verlof in juli te lezen. Zoals gewoonlijk kon ik het niet laten stiekem al eens te piepen naar de inhoud. Met het verwachte resultaat: 2 dagen later is het helemaal uitgelezen. Dit boek is een aanrader voor mensen die zich interesseren aan de Eerste Wereldoorlog. Voor wie niet oplette in de geschiedenisles: die begon in 1914 en eindigde in 1918. 100 jaar geleden begon het allemaal. Aanleiding was de moord op aartshertog Frans Ferdinand van Oostenrijk op 28 juni 2014.

    Velen kennen de eerste regels van het wereldbekende gedicht van de hand van John McCrae. In dit boekje lees je zijn verhaal. Wie was die man en waarom schreef hij dit gedicht? Nu ik het boekje gelezen heb, begrijp ik het gedicht en de symboliek die er achter zit veel beter. Voor bepaalde lezers van deze blog: er staan ook veel prentjes en foto’s in het boek 😉

     

    hier nog even het bewuste gedicht:

     

    In Flanders fields the poppies blow
    Between the crosses, row on row
    That mark our place; and in the sky
    The larks, still bravely singing, fly
    Scarce heard amid the guns below.
    We are the dead. Short days ago
    We lived, felt dawn, saw sunset glow
    Loved, and were loved, and now we lie
    In Flanders fields.
    Take up our quarrel with the foe:
    To you from failing hands we throw
    The torch; be yours to hold it high.
    If ye break faith with us who die
    We shall not sleep, though poppies grow
    In Flanders fields.
  • Recept: Marokkaanse kip

    Gisteren gingen we nog eens multicultureel eten. Op de website van Njam  vond ik een recept voor Marokkaanse kip. Samen met ons gezelschap besloten we dat het resultaat dik in orde was. En ’t is nog gezond ook! Het recept is voor 4 personen. Als je goede eters hebt zoals hier het geval is, dan mag je overal een beetje bij tellen.

    Wat heb je nodig voor 4 personen?

    3 volledige kippenbillen (boven- en onderbil)

    2 el ras el hanout (te vinden in de supermarkt)

    1 sjalot, fijngesneden

    2 teentjes look, fijngesneden

    1 wortel, in schijfjes (wat weinig naar mijn goesting)

    3 Spaanse pepers

    5 kerstomaten (daar doen we er nog een paar bij)

    2 cm gember, in plakjes

    5 gedroogde abrikozen (het mag wat meer zijn)

    1 el gepelde amandelen (hier waren het ongepelde amandelen, dat ging even goed)

    1 el rozijnen (of doe gewoon een klein doosje, het steekt zo nauw niet)

    2 zestes van citroen

    2 el tamarindesaus (nergens gevonden, ook niet in de Turkse supermarkt, mocht vervangen worden door een scheutje citroensap met wat azijn)

    1 kl orange pepper (gevonden bij Delhaize)

    100 ml water

    1/2 mango in partjes (zonde van de mango, doe die er maar helemaal in)

    handvol muntblaadjes

    zout – peper

     

    Wat te doen volgens Njam TV?

    Versnijd de kip, snij de bovenbillen en onderbillen los. Verhit een scheutje olijfolie in de pan. Kruid kip met zout en ras el hanout. Bak de kip aan in olijfolie.

    Voeg de sjalot, de look en de wortelschijfjes toe. Draai de kippenbillen een eerste keer om en zet het deksel op de pan zodat ze verder kunnen stoven.

    Snij ondertussen de Spaanse pepers in twee. Verwijder de zaadjes en snij de pepers in lange reepjes. Halveer de kerstomaatjes.  Voeg bij de kip samen met de gember, abrikozen, amandelen, rozijnen en citroenzestes. Laat 10 minuutjes doorstoven.

    Breng het stoofpotje op smaak met de tamarinde, de orange pepper en een snuifje zwarte peper. Bevochtig het geheel met 100 ml water en laat doorkoken.

    Serveren:

    Voeg als laatste het sap van een halve limoen en het sap van een halve citroen toe. Werk af met de partjes mango en enkele blaadjes verse munt.

    Serveer met Turks brood.

     

    Zo hadden we iets Turks en iets Marokkaans vreedzaam naast elkaar op tafel staan 🙂 Zet de pan op tafel, uw gasten gaan het laatste druppeltje saus uit de pan willen schrapen met hun brood. Smakelijk!

  • Over springers en versnellers

    Onze dochter van 5 is een specialleke. Miss H is een vlotte. Maar echt een vlotte. Dit schooljaar nam het CLB een IQ-test bij haar af. Die bevestigde dat zij duidelijk geen dom blondje is. In de tweede kleuterklas deed ze het dit schooljaar super. Na een aarzelende start waarbij ze haar draai niet goed leek te vinden, keerde het tij dankzij de alertheid van de juf. De juf zorgde voor differentiatie, hoe moeilijk dat soms ook was. Zo konden we samen met de school voorkomen dat onze dochter zich zou gaan vervelen in de klas. Een tijd lang had Miss H haar eigen werkhoekje in de klas waar ze spelletjes kon doen op haar maat. Echt, eeuwig respect voor de juf want we beseffen maar al te goed dat het niet evident is om elk kleutertje in je klas de aandacht te geven die hij of zij nodig heeft.

    Ondertussen hadden wij de  gelegenheid om één en ander uit te zoeken in het belang van de ontwikkeling van onze dochter. Op die manier konden wij thuis beter op haar behoeften inspelen. We gingen samen met dochterlief op onderzoek om een antwoord te vinden op de vele vragen die ze stelt. Zo weet ze met haar 5 jaar bijvoorbeeld al één en ander over de planeten, over gemeentes en deelgemeentes, over hoe bijtjes honing maken, enz. Als wij haar leerhonger thuis al wat konden stillen, kon zij zich in de klas op andere dingen concentreren. Ze slaagde er in vriendjes te maken.  Ze leerde onbezorgd spelen op de speelplaats. Allemaal doodnormale dingen voor veel kinderen. Maar niet voor een specialleke. Vaak als zij begint te praten bekijken kindjes haar vreemd. Omdat ze al dingen kan en weet waar de leeftijdsgenootjes nog niet echt mee bezig zijn. Ondertussen leerde ze thuis verder lezen, schrijven en sommetjes maken. Af en toe kijken we ook samen naar het nieuws en praten we met haar over wat we dan zien.

    Na het laatste oudercontact bleef alles maar door mijn hoofd malen. Als onze dochter nu, op het eind van de tweede kleuterklas, al kan wat ze pas moet kunnen als ze in het eerste leerjaar zit… Doen we haar dan een plezier met nog een jaartje kleuterschool? Pas op, het gaat over meer dan dat hoor. We hadden het ook over haar leervermogen, haar socio-emotionele ontwikkeling ,haar interesses, maturiteit, karakter en nog veel meer.

    Vorige week namen we aarzelend contact met de school. Of ze eens wilden onderzoeken of onze dochter misschien naar het eerste leerjaar zou mogen gaan in plaats van in de derde kleuterklas te starten. We waren heel blij dat onze vraag meteen ernstig genomen werd door de directie en de betrokken leerkrachten. Er werd contact gelegd met het CLB en met de lagere school. Wij werden uitgenodigd voor een overleg met directie, leerkracht en zorgcoördinator. Vandaag legde onze dochter dan enkele testjes af bij de zorgjuf van de lagere school. Pas dan werd groen licht gegeven voor de overstap naar het eerste leerjaar.

    Uit de grond van mijn hart: bedankt aan alle betrokken partijen op school en in het CLB voor hun hulp, advies en begeleiding! Dat betekent veel voor Miss H en voor ons. Ook bedankt aan de ervaringsdeskundigen waar ik bij terecht kan met vragen. Zonder al die hulp en tips had het misschien heel anders gelopen. We hopen dat we de juiste beslissing namen voor onze dochter maar helaas hebben we geen glazen bol die uitsluitsel biedt.

    Ik schrijf deze tekst niet om te stoefen over mijn dochter, zeker niet. Maar ik heb ervaren hoe moeilijk het is om over zulke zaken te praten met anderen. Er rust precies een beetje een taboe op. Mensen bekijken je nogal snel met een blik van ‘Ah ja, mijn kind, schoon kind. Stoef maar over uw dochter.’ Op den duur zwijg je dan en probeer je het zelf allemaal uit te zoeken. De juf van Miss H sprak er ons zelf over aan in de loop van het schooljaar en dat was voor ons een hele opluchting. Samen met die juf gingen we op zoek naar antwoorden, begeleiding, resultaten, …

    Het blijft voor een stuk zoeken hoor. Je vindt niet alle antwoorden die je nodig denkt te hebben. Je hebt ook geen enkele garantie dat je de juiste keuze maakt door ze al of niet te laten versnellen in de schoolloopbaan. Als ik ook maar 1 ouder kan inspireren of helpen met deze tekst, dan is mijn opzet geslaagd. Wie vragen heeft over het parcours dat we aflegden of waarom we zus of zo deden, mag me altijd contacteren.

     

  • Boterhammen in het park

    Nope, niet de zomerlunches in het park in Brussel. Steeds meer scholen vragen aan ouders een vergoeding voor de middagbewaking. Ze vinden dat een logische evolutie. Op vraag van de vakbonden werd het middagtoezicht in het verleden uit het takenpakket van leerkrachten geschrapt. Er zijn ook steeds meer kindjes die ’s middags in de school blijven om te eten. De leerkrachten moeten dus op vrijwillige basis op meer kinderen letten dan vroeger.

    Respect

    Met die laatste zin kan ik akkoord gaan. Het voorgaande ligt wat moeilijker. Als ik kijk naar de school waar Triple Trouble hun broek verslijt, kan ik alleen maar zeggen: respect. Respect voor wat het team van de kleuterschool en lagere school dag in dag uit doet. Vanaf 7u45 is er gratis voorschoolse bewaking door een leerkracht. ’s Middags eten de kindjes onder het toeziend oog van een leerkracht hun boterhammen op. Gratis (hopelijk blijft dat zo). Om 15u15 zit de schooldag er op maar de kinderen kunnen onder het toeziend oog van enkele keerkrachten tot 16 u spelen op school voor ze naar huis of naar de opvang gaan. Gratis.

    Inzet

    Tijdens de schooluren halen ze het onderste uit de kan om de kinderen op een leuke manier één en ander bij te leren. Gisteren tijdens het eindeschooljaarsfeest van de kleuterschool leek het alsof de leerkrachten de tijd van hun leven hadden toen ze voor de kinderen een toneelstukje opvoerden tot groot jolijt van veel ouders. De juffen zijn heel aanspreekbaar voor vragen en bemerkingen van ouders. Ze kijken je niet buiten als je voor of na school nog gauw iets wil vragen. Nee, ze nemen met de glimlach de tijd om naar je te luisteren. Elke dag opnieuw. Een afspraak maken na schooltijd is geen enkel probleem.

    Juiste oplossing?

    Ik begrijp dat er ergens te lande leerkrachten zijn die vinden dat de verhouding niet klopt. Dat er veel van hen verwacht wordt in verhouding tot het loon dat ze krijgen. Maar is de boterhammentaks dan de juiste oplossing? Hiermee straft het beleid weer maar eens de werkende medemens. ’t Is niet dat wij de keuze hebben om onze kinderen ’s middags voor een half uur van school te halen en ze dan weer terug te brengen. Da’s niet te combineren met onze job.

    Tweeverdieners

    Je kan zeggen dat we dan maar schoolpoortmama of -papa moeten worden. En er meteen de gekende vooroordelen tegenaan gooien over 2 auto’s, reizen, villa’s en weet ik veel wat nog allemaal. Wel, om eerlijk te zijn: voor veel tweeverdieners is dat bullshit. Wij hebben een mooi inkomen als tweeverdiener, dat zal ik niet ontkennen. Maar wij kunnen daar geen zotte dingen mee doen. Wij investeren in ons huis zodat onze kinderen daar later de vruchten van plukken. Daarnaast investeren wij in de gezondheid van ons gezin. Als de kinderen ziek zijn, moeten we de dokter en medicatie kunnen betalen. 2 keer per jaar gaan wij met zijn vijven naar de tandarts voor een periodiek nazicht.

    Elk van onze kinderen heeft een hobby omdat we dat belangrijk vinden voor hun sociale ontwikkeling. De ene gaat naar de scouts, de ander dansen, enz. Dat kost geen stukken van mensen maar de sollen moeten er wel liggen. Wat we maandelijks kunnen sparen, investeren we weer in ons huis en in onze kinderen. En zo is de cirkel rond.

    Dure grap

    Als wij voor onze 3 kinderen de boterhammentaks mogen gaan betalen, betekent dat een ferme hap uit het gezinsbudget. Als dat zo is, het zij zo. We gaan er geen ruzie over maken. Maar dat neemt niet weg dat ik het een spijtige zaak vind dat dit in sommige scholen al langer blijkt te bestaan. Hoe zit het met mensen die de eindjes niet aan elkaar kunnen knopen? Geldt voor hen een sociaal tarief? Welk effect heeft de invoering van deze taks op de uitval? Daarmee bedoel ik dan schoolplichtige kinderen die niet op school zitten wanneer ze er moeten zijn? Is daar al ergens een onderzoek naar gedaan?

    Ik schiet het idee niet af, maar ik heb er wel enkele bedenkingen bij. Dat wilde ik maar even kwijt.

     

  • Den ottomatiek

    De Wederhelft kreeg vorige week een andere firmawagen. Met pijn in het hart nam ik afscheid van zijn Golf. Dat was nu eens een autootje naar mijn hart. Klein en vinnig was ie. Ik kon er zelfs mee parkeren zonder al te veel brokken!

    De opvolger is wat groter. Hij moet mijn hart nog veroveren. Eén ding belemmert dat nog een beetje: hij heeft een automatische versnellingsbak. Aarzelend reed ik zaterdag een stukje mee als passagier. Argwanend bekeek ik het handen- en voetenspel van De Wederhelft terwijl hij reed. Het leek een beetje op België – Rusland: er gebeurde amper iets.

    Zondag was het mijn beurt. Met knikkende knietjes offerde ik mezelf op om naar de bakker te rijden voor ons dagelijks brood. Terwijl ik heel hard mijn best deed om heelhuids op de plaats van bestemming te arriveren, betrapte ik mijn linkervoet en rechterhand op spastische trekken. Naderde ik een kruispunt of verkeerslichten, dan begonnen ze vreemde bewegingen te maken. Ik heb zelfs op mijn hand getikt om van het schakelding af te blijven. Niet evident.

    Al bij al rijdt de nieuwe wagen wel vlotjes. ’t Zit in mijne kop. Ik ga moeten leren vlot de mentale switch te maken tussen rijden met mijn echte auto met echte versnellingen en rijden met de firmawagen waar ik amper iets in moet doen. Op de startknop drukken en sturen is zo wat het belangrijkste dat van mij verwacht wordt. De rest regelt ie zelf zo een beetje 😉

  • De pruttelpot.

    De pruttelpot.

    De Wederhelft was al een tijdje op zoek naar een betaalbare, ouderwetse, gietijzeren stoofpot. Zo eentje die je een dag op het vuur kan laten staan zonder dat je eten er als een hoopje zwarte as uit komt. Een pruttelpot als het ware. Dikwijls stonden we voor etalages te oohen en te aahen tot we de prijskaartjes zagen. Zo een ding is pokkeduur!

    Vandaag struinden we met de kroost over de braderie in Diest. In de Koning Albertstraat zijn 2 winkels waar we best niet binnen gaan als er minder dan 5.000 euro op onze rekening staat. De ene is een outletshop met allerlei keukenbenodigdheden. Die liepen we wijselijk voorbij. De andere is Het Kookdepot. Het Kookdepot is al jaren een gevestigde waarde in Diest. Je vindt er leuke hebbedingetjes om te kokerellen tegen een eerlijke prijs. Het advies dat Ilse er met de glimlach bij geeft, is onbetaalbaar.

    Zo ook vandaag. We twijfelden tussen een alombekende pot van Le Creuset en eentje van het minder bekende Staub. Na een babbel met Ilse wisten we welke keuze we moesten maken. We kozen het juiste formaat en het voor ons juiste merk. Volgende winter gaan hier een aantal heerlijke gerechtjes uit de pruttelpot op tafel gezwierd worden. Welkom in de familie mijn vriend 🙂

     

    Gietijzeren stoofpot van Staub

    Productbeschrijving:

    Ovale cocotte 31cm – kaneel

    Geëmailleerd gietijzer: optimaal behoud van warmte
    Zwart, mat email aan de binnenkant: duurzaam, krasbestendig
    Zwaar, vlak deksel: optimaal behoud van stoom
    Picots® onderaan het deksel: continue, natuurlijke besprenkeling
    Vernikkelde knop: hittebestendig voor gebruik in de oven (tot 250°C)
    Vlakke bodem, geschikt voor alle vuren, inclusief inductie
    Beperkte levenslange garantie op productiefouten

  • Voedingsetiketten lezen

    Gisteren ging ik naar een info-avond. Het thema was ‘voedingsetiketten lezen’, de babbelaar vooraan een diëtiste. Om er wat van op te steken, nam ik een omgekeerde diabeet mee. Het leek me een interessant onderwerp gezien de voedselallergieën van de oudste zoon waar je elders in deze blog meer over kan lezen.

    Toegegeven, ik weet al wel wat over gezonde voeding en zo. Het is nu eenmaal een onderwerp wat me interesseert en waar ik graag actief mee aan de slag ga. Een aantal dingen klonken me bekend in de oren maar ik heb er toch ook wat van opgestoken. De diëtiste besteedde vooral aandacht aan het interpreteren van de hoeveelheid suikers, vetten en koolhydraten in voedingsmiddelen. Dat was net wat ik nodig had. Ik bekijk die etiketten wel vaak als ik aan het winkelen ben, maar ik heb er geen flauw idee van hoe ik de vermelde hoeveelheden moet interpreteren. Vanaf nu gaat dat wat beter lukken.

    Ik leerde er ook dat light-producten voor kinderen wel kunnen. Voor een vrouw met een missie als ondergetekende is dat interessant. Als ik eerdaags mijn eetplan terug vanonder het stof haal, kan ik zonder scrupules light-room en van die dingen gebruiken. Want dat heb je als vrouw hè. Je wil diëten en anders koken voor jezelf en je gezin en dan komt het vermanend vingertje van je omgeving. Light? En je geeft dat aan je kinderen? je weet toch dat dat niet goed voor ze is hè? Ik zou er toch maar mee opletten!

    Mijn gezelschap vond hier ook een antwoord op iets waar zij al lang naar op zoek was: suikervrije fruityoghurt die geschikt is voor diabeten. Het blijkt toch te bestaan. Zij blij, ik blij 🙂

    Voorts werd er nog gepraat over de fratsen van Piet Huysentruyt. Die man zette half Vlaanderen op het verkeerde spoor door ingrediënten te gebruiken die verboden zijn voor diabeten. Terwijl hij kookt voor diabeten, hij is immers zelf patiënt. Tegenwoordig zou hij bij gebruik van die producten er wel een waarschuwing bij vermelden. Dankzij de diëtiste ken ik ook terug het verschil tussen verzadigde en onverzadigde vetten en hoe ze te herkennen… Dat zat ver weg!

    Na die avond weet ik het zeker: er worden hier opnieuw wijzigingen doorgevoerd in de keuken. Er komt terug light in huis, ik ga voor de schoolkoeken van de kinders wat beter letten op de etiketten en er komt wat minder onverzadigd vet op tafel.

    De opgelegde dagelijkse hoeveelheid groenten en fruit halen we niet elke dag maar ik denk dat dit bij weinig mensen wel lukt. Af en toe eens zondigen lijkt me geen kwaad te kunnen voor een gezond iemand. Het voornaamste voor mij is dat de kinderen gezonde eetgewoontes kennen en er zich aan houden. Tot nu toe zijn we daar goed in geslaagd en dat willen we zo houden. Als ze wat groter zijn, zullen ze dus ook leren hoe ze voedingsetiketten moeten lezen en interpreteren…

  • Rode Duivels vs mijn duivels

    Onze kroost interesseert zich voor geen meter aan voetbal. Zelfs onze jongens niet. De Wederhelft en ik weten dat een bal rond is en hoe een voetbalveld er ongeveer uit moet zien. Dat vat het zo wat samen. Ooit mocht ik eens naar Anderlecht – RWDM gaan kijken. Na 90 minuten wist ik welke speler het strakste poepje had (Zetterberg) en wie gezegend was met een schattig snoetje. Meer had ik van de match niet gezien. Dat ze in de tweede helft in een andere goal moeten sjotten dan in de eerste helft, was me niet eens opgevallen. Het zal u dus niet verbazen dat wij het WK Voetbal in Brazilië niet echt volgen.

    De school doet dat wel. Vorige week zat er een briefje in de boekentassen met de vraag om de kinders vandaag te kleden in zwart, geel en rood vanwege de wedstrijd die Hak en Schup Rode Duivels vanavond speelde tegen Algerije. Zo gezegd, zo gedaan. Na school taterden ze in overdrive dat we om 6 uur de tv moesten opzetten voor de Rode Duivels met een hele uitleg er bij. Zo gezegd, zo gedaan. Het heeft me iets geleerd: voetbal kijken met onze kinderen is keitof! Je lacht je een kriek!

    Het begon al toen Stram en Stijf Rode Duivels nog maar op weg was naar het veld: ‘Kijk mama, dat zijn die mannetjes die op onze stickers staan! Hoe cool is dat!!!!’ Elke speler kreeg een ukkie aan de hand om mee het veld op te zeulen. Brazilië is een land waar kinderen het niet zo goed hebben, voornamelijk in de favela’s is het over-leven als ik goed geïnformeerd ben. Kinderarbeid zou er ook nog behoorlijk veel voorkomen. Ik verslikte me dan ook toen ik mijn onbezorgde kroost enthousiast hoorde roepen ‘Kijk mama, als je in Brazilië gaat sjotten dan krijg je daar een kindje!’ Gelukkig weten ze niet beter, onze luxepaardjes die niet weten wat armoede en dwangarbeid is.

    Toch willen ze laten zien dat ze er iets van kennen. Door elke teckel (maakt het toch leuker zo, niet?) zwaar te veroordelen. Zelfs het lichtste vermoeden van een teckel of hèèènssss kon op ‘boe’ en ‘ooh da mag ni’ rekenen. De dochter, de helderste van allen, haalde zich de toorn van de broers op haar nek. Terwijl ze achteloos aan haar vingernageltjes zat te prutsen riep ze gespeeld enthousiast: ‘Yesss, de witten hebben de bal!!‘ Ze meende het, dacht dat ze een übersupporter was die een ticket richting VIP-tent van de Rode Duivels verdiende.

    Grote broer (7 jaar zonder enige kennis van voetbal) draaide zich om, fronste diep en mopperde ‘Hoe, vindt gij het goed dat de Rode Duivels de bal niet hebben?!’ Groot alarm in het hoofd van de zus. Ze moest iets verzinnen om haar blond moment te camoufleren. ‘Ah nee, da mag ni hè, allez Duivels!!‘ Broer knikte tevreden en las verder in zijn boekje.

    En zo ging het maar door. Twee keer 45 minuten hoorde ik de zotste commentaren. Ze zouden zo live in de studio kunnen om de match te becommentariëren, het zou de kijkcijfers ten goede komen. Spijtig genoeg heb ik ze niet allemaal kunnen noteren en heb ik een geheugen als een zeef. Wel onthoud ik dat onze Duivels wonnen met 2-1 tegen Algerije. Proficiat Duivels en op naar de volgende!