Categorie: kinderpret

  • Verf

    Raketman (3 jaar jong) is deze week thuis. Hij heeft volgens zijn zus waterpukkels. Om zijn aandacht af te leiden van de pijn en de jeuk, doen we samen de zotste dingen. Winkelen, kokerellen, knuffelen, huizen bouwen alsof het niks is, de katten ambeteren, noem het maar op en we hebben het al gedaan.

    Vandaag had ik een lumineus idee. We zouden samen een kunstwerkje maken met verf, stiften en andere toestanden die normaal verboden terrein zijn voor de grijpgrage handen van Raketman. Onder begeleiding liep alles vlot. Work in progress, do not disturb:

    IMG_0568

    Hij verkeerde in opperste concentratie. Was het huis ingestort, hij zou het niet gemerkt hebben. En toen ging de bel. Wasmachineman stond aan de deur. Zijn oorbel flapperde dus ik wist dat hij niet veel tijd had. Damn, dat wordt riskant.

    Ik leidde Wasmachineman naar de berging. Ah ja, daar staat de wasmachine. Ondertussen zat in de eetkamer een driejarige helemaal alleen met potjes verf en stiften. Mijn hart bonsde in mijn keel. Ik was er niks gerust in. Toen trok er plots iemand aan mijn mouw: ‘Mamààààà, kijk eens naar mijn handjes?’ De blinkende oogjes vertelden me dat het nu tijd werd om een hartaanval te krijgen.

    Ietsje later was Wasmachineman weer weg en dierf ik niet goed naar binnen gaan. Wat zou ik daar vinden? Een geverfde kat? Een geverfde kleuter? Al bij al viel het nog mee. Hij nam enkel de achterdeur en de koelkast onder handen. Die moesten maar niet zo maagdelijk wit zijn. Even met een natte vod er over en het was opgelost. Waarom de kat achter een orchidee met wijde pupillen naar Raketman zat te staren, zal ik nooit weten…

  • Varicella zoster

    Een paar weken geleden sprong een oude bekende nog eens binnen: varicella zoster. Hij had cadeautjes bij voor de kinderen. Ja, varicella zoster is een hij want het is een pain in the ass. De dochter kreeg een pakketje zona om februari mee te beginnen. Vandaag pakte Raketman zijn pakje uit: waterpokken. Kleine blaasjes veroveren heel zijn lichaam. Vanochtend waren het er hoop en al een dertigtal. Vanavond was het een veelvoud. Op de zotste plaatsen. Nu begrijp ik waarom hij het afgelopen weekend zo ellendig was dat ik hem op sommige momenten met plezier achter het behang geplakt zou hebben.

    Hij is wat koortsig en heeft er wel last van. Gelukkig hebben we nog Perdolan in huis (Nurofen mag je niet geven aan een pokkenkind maar ik weet niet meer waarom). De Wederhelft en ik deden wat kunst- en vliegwerk met onze agenda’s om er voor te kunnen zorgen dat we deze week afwisselend bij de zieke zoon kunnen blijven. We hebben samen gespeeld, gesnoept en geflodderd om het leed te verzachten. Het is natuurlijk rot als je kind ziek is maar toch. Ik heb liever dat hij nu de waterpokken ondergaat dan dat hij het over pakweg twintig jaar over zich krijgt. Ik kreeg het als volwassene en ben daar toen toch niet goed van geweest.

    Toch is het bizar hè. Als Triple Trouble onder hetzelfde dak vertoeft dan gaat het soms goed, soms leidt het tot oorlogen. Vandaag waren broer en zus amper 10 minuten de deur uit als Raketman al aan mijn mouw trok ‘Mama, wanneer komen broer en zus terug naar huis?’. Morgen entertaint De Wederhelft onze kleinste. Dat wordt een mannendagje vermoed ik. Iets met veel tv, snoep, sap en weinig activiteit. En dat ze groot gelijk hebben 😉

    De Dochter had het weer ferm geregeld. Toen ik haar van school ging halen, zei ze apetrots: ‘Mama, ik heb tegen de juf van J gezegd dat hij een weekje niet naar school zal komen omdat hij waterpukkels heeft, oké?’

     

  • Als ze stil zijn, dan is het verdacht.

    Het was zo één van die zeldzame dagen dat de autorit naar huis verdacht rustig verliep. De achterbank was vrij van gekibbel. Stiekem keek ik eens in mijn magische ‘mama ziet alles’ autospiegel. Ik kon geen sporen van fysiek geweld bespeuren. Ik was na 5 minuten rijden nog niet doof geschreeuwd door ruziënde kinders die om ter eerst hun verslag van de dag wilden uitbrengen. Ze zaten vredig naast elkaar, elk in hun kinderzitje. Ze keken rustig naar het verkeer en waren in gedachten verzonken.

    Ik observeerde hen wat gedetailleerder. Op de achterbank zat wel degelijk Triple Trouble. Oef, ik heb niet per ongeluk andermans kroost mee gegrist in de opvang. ‘Geniet van het moment An, en koester het voor eeuwig en drie dagen.’ Tegen beter weten in, wilde ik eens goed pedagogisch handelen. Straffen en belonen, weet je wel. Toen was het om zeep…

    ‘Amai mannekes, jullie zijn zo flink en rustig in de auto, da’s wel keigoed hoor!’ Ikke fier en tevreden. Dat zullen ze wel appreciëren.

    De 6-jarige kaatste dat sneller dan het licht terug met: ‘Je weet toch dat zoiets niet lang duurt bij ons hè mama?’ Ondergetekende begon al wat te zweten. Ik kon mezelf wel voor de kop slaan.

    Daarop begon de 3-jarige Raketman aan zijn biecht: ‘Mama, als ik gras in mijn mond heb, dan spuw ik dat naar juf X! *hèhèhè*’

    Thuis werd het nog beter. Terwijl ik een gezonde maaltijd in elkaar probeerde te flansen, hoorde ik plots het vertrouwde gekrijs en geschreeuw. Tijd om in te grijpen. Elke huilende partij mocht zijn of haar verhaal komen doen.

    ‘Mama, zus heeft op mijn hoofd gestampt!’

    Een zielsongelukkige zus: ‘Ja maar dat was wel per ongeluk hè!!!’ *frons, hoe doe je dat per ongeluk?*

    Vervolg van de zus: ‘Raketman wilde in mijn buik boksen en ik wilde dat niet dus ik probeerde te stampen en toen was dat per ongeluk tegen zijn hoofd. Op zijn oohoohoohooor!’

    Ze zeiden op commando sorry tegen elkaar zonder elkaar te bekijken. Hun lip hing net niet tegen de grond. Dat werd gevolgd door een geforceerde knuffel. Ze stonden zo een beetje als pinguïns met hun buiken tegen elkaar. Daarna keerde de rust weer. Wat ben ik toch een goede peacemaker 🙂

     

     

  • Tikkertje spelen

    Iedereen heeft het als kind wel gedaan. Tikkertje spelen. We verzonnen vroeger oneindigduzendveel varianten: tikkertje hoog, tikkertje laag, potteke stamp, tikkertje kleur, enzoverder. Vandaag ontdekte ik een nieuwe variant toen de kleuters des huizes voor een keertje fijn samen aan het spelen waren. Toen ik het hoorde en zag dacht ik bij mezelf ‘Het is officieel: ik ben een oude doos’.

    De 5-jarige tegen Raketman: ‘Gaan we tikkertje pijn spelen?’

    Enthousiaste Raketman met gelijmd hoofd na een recente valpartij: ‘Jààààààà!!!!!!!’

    Terwijl deze informatie tot me doordringt en mijn wenkbrauwen aan het fronsen zet, stuiven ze al door de living. Ik ga er nog steeds van uit dat ik het niet goed begrepen heb en laat hen achter elkaar aan hossen. De 5-jarige lapt Raketman op zijn arm. Ik vermoed dat dit het ’tikken’ van vroeger is. Hij is’em dus. Nu gaan we wat beleven… Niet dus. In plaats van achter zus aan te gaan roept hij verontwaardigd ‘Néé, dat telt niet, jij moet stampen!!!!!’

    WTF? Doet een lap op uw arm niet genoeg pijn? Tijd om in te grijpen! De rol van strenge mama wordt me niet in dank afgenomen. Het spel wordt stilgelegd en verontwaardigd ruimen ze wat op. Als beloning voor dat laatste, mogen ze even tv kijken. Het eerste wat we zien is ‘Raving Rabbits‘. Ik weet meteen waar de kinders hun inspiratie vandaan halen…

  • It’s MY party…

    Groot feest vandaag voor de dochter die gisteren 5 jaar werd. Veel taart, veel cadeautjes en toeters en bellen want het was feest en iedereen was vrolijk. De kinders waren uitgelaten zoals dat wel meer gebeurt. In de keuken was ik tegen de avond aan samen met Schone Zus alvast begonnen aan de voorbereidingen voor het eten. Ik hoorde niks abnormaals in de living dus alles leek me onder controle.

    Plots stond de Wederhelft in de keuken met een bloedende Raketman. Het kind wilde kunstjes doen met de poef en dat staat garant voor an accident waiting to happen. De poef deed niet wat Raketman verwachtte dat ie zou doen dus het noodlot sloeg toe. De stakker viel met zijn achterhoofd pal op de hoek van onze salontafel… en gaf aanvankelijk geen kik. Hij bleef rustig liggen. Nadat hij van de schrik bekomen was, zette hij wel zijn keel open.

    We hebben dan thuis de eerste zorgen toegediend zoals het hoort. Slachtoffer gerust stellen en overbrengen naar een rustige omgeving en de wonde reinigen. Ik zag dat de wonde toch diep was en wat open stond. Dat staat gelijk aan een ritje naar Spoed. Daar aangekomen zagen we 2 politiecombi’s en een politiewagen. Raketman panikeerde bij dat zicht. Terwijl we binnen gingen, hebben we hem gesust dat er geen boeven in het ziekenhuis waren en dat de politie geen stoute kindjes mee neemt. Bij onszelf waren we het aantal uren aan het inschatten dat we zouden moeten wachten want als er politie aan te pas komt in die hoeveelheid, dan kan dat niet veel goeds betekenen.

    Al bij al viel het nog goed mee. 45 minuten later was het hoofd van Raketman geplakt met superglue en konden we terug naar huis. Daar vloog hij er al meteen terug in met zijn zotte kuren. Het deed me denken aan een gezegde met een ezel en een steen. Als we hem herinnerden aan zijn pijntje, deed ie wel telkens 5 minuten zielig. Zelf eten bijvoorbeeld ging niet want hij heeft een pijntje aan zijn hoofd. Het licht in de gang aansteken om naar toilet te gaan lukte om dezelfde reden al evenmin. Een dessertje snoepen was noodzakelijk voor zijn pijntje. Profiteren? Neuh!

    En zo verschoof het middelpunt van de belangstelling tijdelijk van de dochter naar Raketman. Gelukkig nam ze het sportief op. 😉

  • Happy 5 Miss H!

    Onze middelste Koter wordt morgen 5 jaar. Ze vindt dat heel wat. Ik ook. Telkens één van de kinderen jarig is, denk ik automatisch terug aan de dag dat ze geboren werden. Hoe dat allemaal gegaan is. De moeilijke dingen, de grappige anekdotes, de pijntjes en de opluchting. De opluchting van ‘yeah, ’t is uit mijn lijf!’ en de nog grotere opluchting van ‘wow, ’t is gezond’. En dan enkele dagen later ‘o jee, wat moet ik daar thuis in hemelsnaam mee gaan doen?’.

    Onze dochter was 5 jaar geleden de schrik van de materniteit. Ik zever niet, de dag dat we naar huis gingen, kwam een verpleegkundige ons dat stilletjes vertellen. ‘Als we het belletje van jullie kamer zagen oplichten dan wisten we dat we ons schrap moesten zetten omdat we naar Heleentje moesten gaan.’ Je moet niet vragen wat voor karaktertje ze die eerste dagen had. Het was net of ze was razend kwaad omdat ze uit mijn buik gebonjourd werd. Gelukkig ebde die razernij nadien een beetje weg. Ik moest er de afgelopen dagen met een glimlach aan terugdenken toen ik dit zag passeren. Ze is wel altijd een specialleke geweest en dat zal ze ook blijven. Je solt niet met Miss H want dat krijg je terug, in your face.

    Miss H was enkele weken oud toen De Wederhelft enkele dagen op zakenreis moest. Toen hij terug thuis kwam, ging hij meteen naar zijn dochter want die zou hem zeker wel hard gemist hebben! Papa’s en dochters, weet je wel. Ze zat toevallig net bij me op schoot. Haar blik kruist de zijne, ze draait haar hoofd weg en begint te krijsen als een varken. Welkom thuis papa 🙂

    Toen ze ongeveer een jaar was, heeft ze grote broer zo ook eens liggen gehad. Ik was aan het koken toen hij plots aan mijn mouw kwam trekken. ‘Mama, Robin is bang’ zei hij doodongelukkig. Hij was toen een goeie 2 jaar. Ik vraag hem waar hij bang van is. ‘Van Heleen!’ Begint ie daar onbedaarlijk te huilen :s En dan valt mijn lodderig oog op babyzus en begrijp ik hem… Met Teigetje in haar mond kroop ze achter Robin aan, ondertussen vervaarlijk ‘grrroarrrr’ brabbelend. Ik lag strike 🙂

    Haar lichaam wordt 5 maar haar grijze hersenmassa is een beetje ouder. Dus worden de cadeautjes daar ook op afgestemd. Ze krijgt van ons onder andere een digitaal fototoestel voor kinderen. Toen ze een tijdje geleden mocht gaan logeren bij een vriendinnetje, bleek dat haar wel te fascineren. Daarnaast nog enkele kleinigheidjes natuurlijk. We geven liever veel kleine cadeautjes zodat ze veel werk hebben om alles uit te pakken. Anders is de fun er nogal rap af.

    Hier en daar moeten we tijdens de nachtdienst nog wat slingers omhoog hangen. Bij voorkeur ga ik ook nog als een echte Tasmanian Devil met stofzuiger en dweil door het huis. Vannacht of zo. Als feestmaaltijd koos ze pizza. Flink zo dochter, da’s gemakkelijk voor mama. Gelukkige verjaardag dochterlief, we gaan dit weekend een stevig feestje bouwen. Met koekjestaart en fruitsap 🙂

    IMG_4874

  • Wanneer sterft een hand af?

    Jaja, het waren weer boeiende conversaties met de kroost in de auto vandaag. Onze zesjarige had een polsbandje behoorlijk strak aangetrokken toen we na een uitstapje terug naar huis reden. We hadden hem thans gevraagd te wachten tot thuis om dat bandje uit te doen. Kinderen en geduld, je krijgt het zelden fatsoenlijk in 1 zin gegoten. Dus er was veel gefriemel en gefrunnik met als resultaat een bandje dat nog strakker zat in plaats van losser.

    De Wederhelft kreeg het er danig van op zijn heupen en zei dat de zoon zijn pols nu geen bloed meer kreeg. 6 oogjes op de achterbank keken hem vol ongeloof aan. Ik kon het niet laten om daar aan toe te voegen dat lichaamsdelen die geen bloed krijgen, sterven. En als die dingen helemaal dood zijn, dan vallen ze er af. Paniek maakte zich mester van onze oudste. Hartverscheurend begon hij te wenen terwijl hij afscheid nam van zijn hand. Natuurlijk was het volgens hem allemaal de schuld van zus. We lieten hem even sudderen. Misschien zou de boodschap ‘leer eens luisteren’ dan beter blijven hangen.

    Ik vroeg droogjes welke kleur zijn hand ondertussen al had. ‘Géén meer mama, het onderste stukje heeft al geen kleur meer!!!!!’ Met mijn meest ernstige blik zei ik ‘Oeioeioei, en kan je je vingers dan nog wel bewegen jongen?’ Intriest volgde er een trillende ‘ja’. Bwah, dan heeft hij nog wel wat tijd. Plots snifte hij ‘jamaar als mijn hand dood gaat, dan ga ik toch ook dood?’ Hola… ‘Neenee, alleen uw hand gaat dan dood jongen, de rest blijft leven.’ Hij zag terug een lichtpuntje aan het eind van de tunnel. Toen diende het volgende drama zich aan: ‘Jamaar mama, de kindjes gaan mij wel uitlachen als ik maar 1 hand heb hè!’ ‘Goh jongen, daar zou ik niet wakker van liggen hoor. Bedenk eens hoe je je gaat aankleden en met je Lego spelen want dat ga je wel anders moeten doen hè.’ Ik weet het, dit is slecht.

    Hij was al oplossingen aan het zoeken. Maar toen realiseerde hij zich weer iets. ‘Zeg mama *snif* als mijn hand er dan af valt, dan ben ik die voor altijd kwijt en dan ga ik die nooit meer terug zien?!’ Ik wilde in schoonheid eindigen dus ik zei op geruststellende toon ‘Maar nee, we zullen uw hand wel in een doosje bewaren jongen.’ Vanachter het stuur siste De Wederhelft of dit wel een pedagogisch verantwoorde reactie was. Volgens de decibels op de achterbank was het dat niet. Tijd om er mee te kappen. ‘Jongen, denk je nu zelf niet dat wij al lang gestopt waren langs de kant van de weg om jou te helpen als het echt zo erg zou zijn?’ Het snikken stopte. ‘Maar mijn hand heeft echt geen kleur meer hè mama, ik zie dat!’ ‘Da’s niet erg. Als ze zwart begint te worden, dan moet je je wel zorgen beginnen maken.’ Hij nam vrede met de situatie.

    2 minuten later miepte hij ‘Mama, ik voel me niet zo goed.’ Ik hoorde naast me iets over placebo’s vallen. Eens thuis gekomen moest ik het wel weten. Ik wilde zijn vraag kunnen beantwoorden. Volgens internet duurt het ongeveer 3 dagen eer je hand volledig afgestorven is nadat je die afbindt. Hij vindt dat nog goed meevallen. Heeft ie weer een straf verhaal om op school mee uit te pakken 😉

  • Ruimtewezens.

    In het rijtje ‘conversaties op de achterbank’ kan deze weer tellen. Het begaafde blondje des huizes wist me vanochtend te verrassen. 6 oogjes keken vanaf de achterbank toe hoe ik de ruiten van de auto ijsvrij maakte. Ik stap in met verkleumde poten zodat ik hen naar school kan brengen. Achter me hoor ik een fijn stemmetje…

    ‘Mama, ruimtewezens bestaan echt hè?’

    De oudste kan zich niet bedwingen: ‘Da’s ni Heleen, die zijn nooit echt!’

    Omdat ik weet dat Heleen niks zomaar zegt, besluit ik naar haar redenering te vragen. ‘Waarom denk je dat Heleen?’

    ‘Da’s toch waar hè mama, want die maken de ruiten van je auto weer schoon!’

    Ik kon nog net op het tipje van mijn tong bijten en antwoordde met een uitgestreken gezicht dat die dingen die de ruit schoon maken een andere naam hebben. Voor een keer nam ze vrede met die uitleg. Mijn grijze massa ging echter in overdrive.

    Hoe cool zou dat zijn? Ruimtewezens die op afroep ‘swmoesj’ naar je auto gedingest komen, de ruiten proper maken en ‘swmoesj’ weer wegzoeven?! Hebben die dan elk een eigen specialisatie? Doen die van Jupiter bijvoorbeeld enkel achterruiten? Worden vrachtwagens en andere grote voertuigen uitbesteed aan Mercurius? En het ellendige werk: de binnenkant? Wordt dat verzorgd door een lageloonplaneet als Venus?

    Mijn pret kon al helemaal niet meer op toen ik arriveerde op het werk. Ik ging namelijk naar een studievoormiddag en daar mocht ik een dienstvoertuig voor gebruiken. Ik was aan de late kant dus ik spurtte de parking op en zag… een collega die de ruiten van mijn dienstwagen ijsvrij aan het maken was 🙂 Ik heb hem uitvoerig en gemeend bedankt maar kon een smile van oor tot oor niet onderdrukken. Da’s helemaal niet beledigend bedoeld want ik doe mijn hoedje af voor de personen die dit dagelijks voor hun collega’s doen zonder dat hen dat gevraagd wordt. Maar in mijn hoofd zag ik… een ruimtewezen…

  • Smart games

    De Sint bracht Camelot Jr. bij de dochter van 4. Bijna 5 is ze eigenlijk. Hier vind je wat meer uitleg over dit spelletje. Camelot Jr.is een zgn. smart game. Dat zijn logische denkpuzzels voor kinderen tot 99 jaar. Het CLB raadde ons deze spelletjes aan voor Heleen omdat ze nogal bij de pinken is. Binnenkort meer daarover. Wij brieften één of andere Turkse Spanjaard die ook nog eens heilig (en onnatuurlijk oud) blijkt te zijn. Hij was zo vriendelijk om dit spelletje bij mijn broer en schone zus door de schoorsteen te smijten.

    Het kind was in de wolken! Vrolijk ging ze aan de slag met de ridder, prinses en alle obstakels die hen hinderen. In de doos zit een opdrachtenboekje gaande van het niveau ‘blond’ tot ‘einstein’. Ze gaat er tot nu toe vrij vlot door. Momenteel is ze aanbeland in het voorlaatste niveau. Morgen beginnen we aan de moeilijkste opdrachten. En wat gebeurt er als de kindjes in bed liggen? Juist ja. Dan spelen mama en papa stiekem met het speelgoed van de kindjes.

     

    IMG_0425

    Ik moet eerlijk toegeven: Camelot Jr. is een plezant spelletje waarbij je als volwassene toch ook wel goed moet nadenken om sommige opdrachten te kunnen oplossen. Ik was heimelijk opgelucht dat ik de ‘expert’-opgaves ook kon oplossen. 1 ding is zeker: hier komen nog smart games in huis. Da’s plezier voor klein en groot. Het is ook zinvol speelgoed. Ze moeten er hun hoofd goed bij houden en ze doen van ‘spelend leren’. Bijkomend voordeel: het houdt ook mijn grijze massa een beetje alert 😉

     

     

     

  • De groene boterham

    De 2 kleuters des huizes gingen vandaag feesten bij oma en opa. Oma was eerder deze maand jarig en hun nonkel verjaarde afgelopen week. Hun nichtje en de 2 neefjes waren er ook. Na het eten kregen ze alle 5 water uit een plastic beker. Die bekers zijn er in alle maten en kleuren. Al snel begon er onder het kleine grut een spelletje. Een ware denkoefening.

    De eerste zei fier: ‘Ik heb de citroentjesbeker want mijn beker is geel.’

    Dat zette de overige kinderbreintjes aan het werk. Al gauw volgden een frambozenbeker en een mandarijntjesbeker. Maar wat te denken van die groene beker die er nog stond? Diepe plooien vormden zich in hun voorhoofdjes. We opperden dat het misschien een kiwibeker kon zijn om hen uit hun lijden te verlossen. Dat was buiten onze dochter gerekend.

    ‘Neenee papa, da’s geen kiwibeker, die is gemaakt van een boterham!’ Wij keken elkaar glimlachend aan. Ze had weer eens een blond moment hoor. Boterhammen zijn immers niet groen. Maar ik kon het niet laten om even te vragen hoe ze er bij kwam dat een groene beker gemaakt is van boterhammen.

    Heel droogjes antwoordt ze ‘Een boterham wordt toch groen als je die een week in je brooddoos laat zitten hè mama’. Terwijl bekijkt ze me alsof ik het IQ van een kroonkurk heb. Het kind heeft gelijk. Wij keken elkaar verweesd aan en moesten even nadenken hoe we hier pedagogisch verantwoord op konden reageren.