Tag: recept

  • Oudejaarsmenu 2013

    In theorie was dit ons menu:

    Voorgerecht: Risotto met kreeft en cava (als in ‘cavasaus’)

    Hoofdgerecht: Hindegebraad met bospaddestoelen en mosterdsaus

    Dessert: Koffie-toffeeswirl

    In de praktijk daarentegen…

    De kreeft bleek een leprakreeft zaliger te zijn. Zo eentje die eens voor 5 euro in promotie stond bij O’Cool.  Ze bleek na het koken niet bruikbaar te zijn voor culinaire doeleinden. De katten kregen kreeft als tussendoortje. Wij vervingen ons voorgerecht door ovenhapjes van Colruyt. De katten lachten ons vierkant uit, lieten een boertje en gingen maffen.

    IMG_0512

    De koffie-toffeeswirl werd gemaakt op basis van een recept dat geschreven werd door de dorpsidioot van Zimbabwe. Hier en daar stonden geen hoeveelheden in de ingrediëntenlijst. Bijvoorbeeld: een blikje gecondenseerde melk. Dat kan verschillende formaten hebben hé zeg. Wat een grapjas. Hij gebruikte ook erg duidelijke instructies als ‘klop de slagroom lobbig’. Het recept voor de caramel leverde ons siliconenkit van hoge kwaliteit. Het dessert werd omgetoverd tot vanille-ijs met frambozencoulis. Of frambozenijs. De onderhandelingen lopen nog.

    Het hoofdgerecht was wel geslaagd. Als we de mosterdsaus buiten beschouwing laten. Die smaakte alsof ze al een maand in de koelkast kampeerde. Gelukkig had ik voor de kinderen een varkenshaasje met champignonsaus zodat we hun saus konden pikken. Samen delen heet dat dan 😉 Serveren met ruimtekroketten en iedereen is tevreden.

    Morgen maken we een nieuwjaarsmenu. Dat gaat àf zijn ^^

     

  • Op algemeen verzoek: een recept

    Deze week stoefte ik over een pastasalade die ik hier gezwind op tafel zwierde. Ik gebruikte als basis een recept van Tim Torfs. Recepten en ik hebben een haat/liefde-verhouding. Ik begin altijd erg punctueel en na stap 2 begin ik meestal te freewheelen. Deze pastasalade is heel eenvoudig klaar te maken. Ook als je voor 100% het recept volgt, is het resultaat een succes! De 3 kinderkens des huizes hebben er duimen en vingers bij afgelikt. Mooi meegenomen: dit gerecht is gezond, lekker en niet verboden in de strijd met de weegschaal.

    Hoe heet het beest?

    Spaghetti met mozzarella, spekjes, tomaat, pijnboompitten en basilicum

    Wat smijten we daar allemaal bij als we met zijn tweetjes aan tafel zitten?

    150 gram spaghetti volkoren

    30 gram rucola (lees: een klein zakje rucola of veldsla met rode biet)

    1/2 bakje kerstomaatjes

    125 gram spekblokjes mager (voor de carnivoren: 250 gram spekblokjes)

    1 bol mozzarella (lees: 1 rolletje mozzarella of de light-versie) -> tegenwoordig heb je ook van die miniballetjes mozzarella in de supermarkt

    30 gram pijnboompitten (lees: een handvol van die heerlijke pitjes)

    blaadjes verse basilicum (liefst blaadjes waar de kat nog niet aan geknauwd heeft)

    1 eetlepel pesto groen (dat mag eigenlijk een ferme kwak zijn want anders proef je er niet veel van)

    2 eetlepels olijfolie

    Hoe maken we daar iets van?

    Kook de spaghetti beetgaar. Dit kan je eenvoudig testen (geleerd op kot): vis een tweetal slierten uit je kookpot en gooi die tegen een betegelde muur. Blijven ze plakken? Dan is je pasta gaar. Giet af maar laat een klein beetje (maar echt een héél klein beetje) kookvocht achter in de pan. Zet weg met gesloten deksel. Door het restje kookvocht gaat de pasta niet kleven.

    Bak vervolgens op laag vuur de pijnboompitten goudbruin (zonder olie!) en laat ze afkoelen. In dezelfde pan (we besparen hier op afwas hé zeg) bak je de spekblokjes knapperig. Olie toevoegen hoeft niet want die dingen zijn zo vettig als ze groot zijn. Lat uitlekken op een stukje keukenpapier.

    Snijd intussen de kerstomaatjes doormidden, de mozzarella in blokjes en schep samen met de pijnboompitten, knapperige spekblokjes en rucola door de pasta. Roer wat groene pesto en een ietsiepietsie olijfolie door de pasta. Verdel over 2 borden en garneer met een paar blaadjes verse basilicum.

    Tip van Anneke: smijt er nog wat zwarte olijven bij. Succes gegarandeerd.

     

  • Wat eten we vandaag?

    Mijn loslopend DNA staat nogal bekend om zijn gezonde eetlust. Elk van mijn kindjes is gezegend met 7 magen en een sterfput. Mijn man en ik krijgen op die manier veel voldoening van onze hobby: kokerellen. Echt, de kinderen hier eten graag en meestal ook veel. Toch zijn ze alledrie gezegend met een sprinkhaanfiguur. Hopelijk blijft dat zo.

    De kinderen zijn veel met eten en gezonde voeding bezig. Ik vind het goed dat daar al in de kleuterschool wat aandacht aan besteed wordt. Wij koken hier gevarieerd dus op dat vlak zitten we wel goed. Triple Trouble eet graag groente, fruit, dode beesten, legoblokjes, stickers, …

    En toch zit ik hier een blogje te schrijven dus u voelt het al aankomen… ergens zal er toch iets zijn. Juist ja.

    De vraag waar elke ouder wel eens stuiptrekkingen van krijgt: ‘Mamàààààààààà, wat gaan we vandaag eten?’ U kent het? Ik hoor het per kind zo ongeveer 10 keer per dag. Ze hebben ook al variaties gevonden zoals daar zijn:

    ‘Mamààààà, wat gaan we vanavond eten?’

    ‘Mamààààààà, wat gaan we vanavond als middag eten?’ (die hebben ze geproduceerd voor de wederhelft)

    ‘Mamàààààà, wat gaan we morgen eten?’

    Of zoals enkele dagen geleden weerklonk uit de mond van de kleinste: ‘Mamàààà, wat gaan we eten als het Kerstmis is?’

    Geduldig als ik ben, probeer ik altijd waarheidsgetrouw te antwoorden. Maar soms wordt het ook mij te veel. Zo was ik vorige week Fien de krokodil aan het koken, bleek die toch niet veranderd te zijn in een broccoli toen ik het deksel van de kookpot haalde zeker…

    Vandaag kruiste dit mijn pad:

    IMG_0285

    U raadt het ongetwijfeld al: morgen eten we gegrilde gnoe in versgemaakte smurfensaus!

  • Het Vlaamsche goud

    Als kind moest ik er niet van weten. Wie met een asperge naar me durfde te zwaaien, kreeg zeven dagen onheil over zich. Slechte breinen probeerden me wijs te maken dat het schorseneren waren, op dezelfde wijze in een pot gesmeten en met een sausje besprenkeld maar ik wist wel beter. Eigenlijk niet hoor maar de glunderende blik van mijn broer verraadde het snode plan. De rest van mijn jeugd investeerde ik massa’s energie in het verbannen en vermijden van het Vlaamse goud.

    Gaandeweg leerde ik die voze stengels appreciëren. Nu serveer ik ze wekelijks tijdens ‘het seizoen’ zoals men dat noemt. Nu dus. Met andere woorden: wekelijks hebben de gezinsleden en ikzelf zweet en pipi met dat typische aspergegeurtje. Dat vind ik nog steeds pure horror. Nog liever hoor ik iemands nagels over een schoolbord krassen. Anyway, omdat we niet elke week asperges op zijn Vlaams kunnen verorberen, wou ik mijn creatieve persoonlijkheid haar gang eens laten gaan. Vol goede moed sprong ik op mijn surfplank en vond… Niks.

    Gesmolten boter, gepocheerde eieren, een sneetje hesp of wat grijze garnaaltjes: het passeerde allemaal de revue tijdens mijn zoektocht naar ‘asperges anders’. En wat doet An dan? An flanst 5 recepten door elkaar en maakt daar iets van.  Of het eetbaar gaat zijn, weet ik nog niet. Een plan B voor de gezinsleden heb ik ook niet. 1 ding staat vast: woensdag gaat het gebeuren. Dan waag ik me aan een recept dat ik nog moet neerschrijven. Het wordt iets met ‘fideuá de espinacas y albahaca’ dat iedereen ongetwijfeld kent (kuch) en kip. Ik flans er nog wat kruiden bij, samen met enkele geheime ingrediënten en we zien wel wat het geeft. Als er na woensdag niks meer op deze blog verschijnt, dan weet je dat het geen succes was 😉