Tag: hoogsensitief

  • Laat een kind toch kind zijn!

    Dat denken we vaak als we met een kritische blik naar onze prestatiemaatschappij kijken. Maar zijn er ook kinderen die anders durven en mogen zijn. Sinds enkele decennia (wat voel ik me oud als ik dit schrijf), verdiep ik me in hoogsensitiviteit. Enkele jaren geleden breidde mijn studiegebied zich noodgedwongen uit tot hoogbegaafdheid.

    Als beiden in 1 kind verwerkt werden, heb je een specialleke waar onze maatschappij zich soms geen weg mee weet. Helaas rust op dit thema nog steeds een taboe. We hebben vanaf de zijlijn allemaal een bigbag vol tips voor ouders met kinderen die een autismespectrumstoornis hebben. We pretenderen allemaal een kind met ADHD wel in het gareel te kunnen laten lopen. Hoe vaak hoor je een ouder niet tegen iemand zeggen: ‘Dat moest die van mij eens zijn, hij/zij zou het wel weten.’ of ‘Bij mij zou dat niet pakken hoor.’ En zo kennen we allemaal wel enkele dooddoeners waar pedagogisch onderlegde ouders grijze haren van krijgen.

    Weg met de stempels

    Wel, bij gevoelige en clevere kinderen (ik heb het zo niet voor stempeltjes) is dat niet anders. Er bestaan kinderen die je niet straft met vakantieblaadjes. Er zijn kinderen die wel graag mee naar het journaal kijken mits wat duiding van mama of papa. Er zijn kinderen die kind zijn op hun eigen manier. Niet beter, niet slechter, maar anders. Elders in deze blog vind je enkele voorbeelden die illustreren wat ik bedoel met anders. Deze kinderen willen zich ook gewaardeerd en begrepen voelen. Neem hen ernstig. Als je dat niet doet, dreigen ze psychisch schade te lijden. Onbezorgd spelen doen ze heus wel. Maar nadenken en zich inleven des te meer. Dag en nacht. Op elke leeftijd.

    Voorbeelden

    Als mijn zoon van 9 me tijdens het eten vraagt: ‘Mama, wat is de zin van het leven als je toch moet sterven?’ dan voer ik daar met hem een ernstig gesprek over. Toen diezelfde zoon nog een kleuter was, stelde hij deze vraag ook. We kochten toen samen een boekje over rouw bij kinderen, ook al was er toen in onze directe omgeving geen sterfgeval. Het maakte één en ander wat beter bespreekbaar op die leeftijd.

    Als mijn kind over mijn zwangere buik wrijft en zegt: ‘Mama, ik vind het zo erg dat je niet goed kan eten omdat er een baby in je buik zit’ dan meent hij dat ook. Als hij als zesjarige ’s morgens uit bed komt halen ‘want kom eens kijken hoe mooi die bloemetjes vandaag open staan mama en gisteren waren ze nog helemaal dicht’ dan ben ik niet boos omdat ik eigenlijk nog wat rustig wilde wakker worden. Als hij op zijn 9 jaar zegt: ‘Mama, weet je nog die ene keer dat ik zo hard gevallen was en schreeuwde van de pijn toen jullie mijn been verzorgden?’ dan erken ik dat, wetende dat dat pijntje dateert van zijn derde levensjaar.

    Tip

    Handleidingen voor het ‘omgaan met…’ bestaan er niet. ’t Is vooral trial and error. Maatwerk. Met het nieuwe schooljaar voor de deur, wordt het weer tijd om een actieplan uit te werken. Voor school, voor hobby’s, voor als de baby geboren wordt en het hele gezinsleven op stelten zet. En voorts kan je vooral nog je vingers kruisen en hopen dat je het iet of wat goed aanpakt. Omdat je weet dat je ook maar een mens bent en dat je ook missers maakt.

  • Rust in vrede, Youp.

    Rust in vrede, Youp.

    De kinderen genoten vandaag van een dagje speelpleinwerking. Althans, dat dacht ik toch. Toen ik hen ging halen, kwamen 2 stuks uitgelaten aangehold om te vertellen over hun dag. Onze oudste zoon keek maar bedrukt.

    ‘Hé jongen, heb je een leuke dag gehad vandaag?’

    – ‘Ja en eigenlijk ook nee.’

    ‘Oei, hoe komt het?’

    – ‘Een goede vriend van me is overleden.’ Zijn ogen richtten zich naar de grond.

    Ik kreeg het Spaans benauwd en wist niet goed hoe te reageren.

    ‘Dat klinkt niet goed. Wil je er iets over vertellen?’

    – ‘Vandaag is Youp gestorven en dat was een goede vriend van mij en Wout.’ Zijn onderlip werd steeds beter zichtbaar. Ik voelde een pruilmoment aankomen.

    ‘En kende je Youp al lang dan?’

    – ‘Sinds vandaag. We hebben hem zelf gevonden. Hij was onze toffe bladluis. Zie je die dennenappel daar in het zand liggen? Daar hebben we hem begraven.’

    Ik had de tegenwoordigheid van geest om niet in een slappe lach te schieten en zei dat hij en Wout dat heel goed hebben aangepakt. Die geruststelling had hij blijkbaar nodig. In de auto volgde nog een gesprekje over de bladluizenhemel. ’s Avonds zochten we nog wat informatie op over de bladluizen… om te ontdekken dat Youp eigenlijk een Groene stinkwants is.

  • Existentialisme voor en door kinderen

    Mijn zoon van 7 heeft een talent. Op de meest onverwachte momenten overvalt hij me met existentiële vragen en dilemma’s. Hij verwacht op dat moment ook dat ik een bevredigend antwoord uit mijn mouw schud alsof het niks is. Vanavond kwam hij weer snikkend op zijn sokken naar beneden terwijl hij eigenlijk al lang in dromenland moest zijn.

    ‘Mama, ik weet niet wie ik ben. Ik weet niet of het wel echt is dat ik hier nu ben. En ik ben bang dat als er iemand oud is in onze familie, dat die dan dood gaat. Of dat jullie dood gaan want wie gaat mij dan komen wassen? Ik wil niet dood gaan mama!’

    Daar zit je dan, van je sokken geblazen met een huilend kind op schoot. Op zulke momenten komt de moeder/maatschappelijk werker in mij naar boven. Ik neem zijn vragen altijd ernstig en stuur hem niet met een sussend aaitje over zijn bolletje terug naar bed. Ook al was het véél te laat voor hem om nog wakker te zijn.

    Samen praatten we over oude mensen, over de dood, over het hier en nu. Dat het oké is om na te denken over de dood want iedereen doet dat wel eens. Maar niemand kan vertellen hoe dat is of wanneer je zal sterven. Dat het geen zin heeft om je hele leven bang te zijn voor de dood omdat je dan niet gelukkig kan zijn. En jonge, gezonde kindjes sterven normaalgezien niet. Mama en papa zullen er ook nog een hele tijd zijn. Niets wijst er op dat iemand in dit gezin het loodje zal leggen, gelukkig maar!

    Voor mezelf noteer ik dat ik zijn boek over rouwverwerking nog eens uit de kast haal. We lezen daar dan samen in en ontdekken hoe andere kinderen en andere culturen omgaan met leven en dood. Kenny Knuffelmonster was na ons gesprek afleidingsmanoeuvre van dienst. Zoonlief ligt nu vredig te slapen en in mijn hoofd blijft het maar malen… Het lot van een betrokken moeder. En hoe een hoogsensitief kind een verrijking van je leven kan zijn. Ik hoop vooral dat ik hem een beetje kan leren hoe hij met al die dingen om moet gaan zodat hij later sterk in het leven staat en zijn talenten positief gebruikt.

  • Filosoferen met kinderen…

    Zoonlief is nu 7,5 jaar. Hij is een gevoelig kind dat veel nadenkt over de dingen die zijn pad kruisen. Hier lees je daar een voorbeeld van. 2 weken geleden bezochten we met het ganse gezin mijn grootmoeder. Zij verblijft in een revalidatiecentrum na een ongelukkige valpartij. Ze ligt op een gemeenschappelijke kamer. Toen we daar binnengewaaid kwamen met onze nieuwjaarswensen, speelde de film Spartacus op tv. Gefascineerd keken onze kinders, de ene met zijn handen voor zijn ogen, de andere met wijd opengesperde kijkers. Toen dacht ik nog bij mezelf dat er een moment zou komen dat dit zich ging wreken.

    Vandaag was het zover. We vierden samen met de familie de zesde verjaardag van onze dochter. Het was een leuke dag. De neefjes en nichtjes speelden dol met elkaar. Toen ’s avonds onze oudste in bed lag, hoorde ik na een tijdje zacht gesnik. Ik wilde net gaan kijken toen de deur open ging. Daar stond hij dan, huilend en snikkend. Tijd voor een moeder-zoongesprek.

    ‘Mamààà, ik voel me niet goed.’

    – ‘Wat is er aan de hand, ben je ziek?’ (hij is al enkele dagen verkouden)

    ‘Nee. Ik geloof niet in mijzelf en ik wil niet dood gaan.’ Lap, daar had ik me nu net niet aan verwacht na een toffe dag als vandaag. De wraak van Spartacus is gearriveerd.

    – ‘Niets wijst er op dat je gaat sterven jongen. Je bent niet ziek en je bent niet oud. Je hoeft daar nu nog niet over na te denken.’

    ‘Maar ik geloof niet in mezelf en ik weet niet wie ik ben. En ik weet ook niet hoeveel pijn het gaat doen als ik dood ga. Ga ik trouwens wel iemand kennen in de hemel? En die pap mogen ze houden, ik lust dat niet. En gouden lepeltjes moet ik ook niet hebben!’

    – ‘Jij weet wel wie je bent hoor. Jij bent Robin, de zoon van An en Dennis. Je bent goed in rekenen en schrijven en je gaat naar de circusschool. Niemand weet hoe het voelt om dood te gaan, het heeft geen zin om daar nu al droevig om te zijn. Bompa is al in de hemel, die ken je toch nog? je zal daar zeker niet alleen zijn. Net zoals je nu ook niet alleen bent.’

    ‘Leeft bompa dan in de hemel? En eet die wel rijstpap? Is de hemel wel groot genoeg voor ons allemaal?’

    – ‘Bompa is in de hemel, ik weet niet wat die daar allemaal eet. De hemel is voor jou hoe jij wil dat die is. Wil jij dat er muziek speelt in de hemel? Dan is daar muziek. Wil je dat daar een circus is? Dan is daar een circus. Jij kiest zelf hoe voor jou de hemel er uit ziet jongen.’

    ‘Maar mama, hoe weet jij dat dan allemaal?’

    – ‘Ik heb daar een boek over gelezen jongen. Denk nu aan de leuke dingen die je vandaag allemaal meemaakte tijdens het feest van zus en probeer te slapen. Je gaat heus nog niet sterven dus daar denken we nu nog niet over na. Jij bent Robin en jij weet wie je bent. Geloof toch maar in jezelf en dan komt het goed.’

    Na dit gesprek is hij rustig gaan slapen. Bij mij slaat de twijfel toe. Heb ik ‘de juiste’ antwoorden gegeven? Pak ik dat wel goed aan? Hoe voer je zulke gesprekken met je kind op een moment dat je er totaal niet op bent voorbereid?

    Van Robin weet ik al langer dat hij hoogsensitief is. Ik laat u vrij om daar al dan niet in te geloven. Ik herken veel van mezelf in hem. Dat helpt me om hem te begrijpen. Ik neem zijn vragen altijd ernstig en beantwoord ze met het nodige realisme. Het heeft geen zin om hem blaasjes wijs te maken. Maar waar trek je de grens? In welke mate scherm je je kind af voor  de harde dingen in het leven? De afgelopen weken heb ik bijvoorbeeld bewust niet naar het nieuws gekeken met de kinderen omwille van de beelden van de aanslagen in Parijs. Spartacus kon ik echter niet wegzappen omdat de kamergenoot van mijn grootmoeder naar die film aan het kijken was.

    Het wordt tijd om eens op zoek te gaan naar wat lectuur. Enerzijds voor mezelf als ouder van een gevoelig kind. Anderzijds zoek ik ook boeken die op kindermaat geschreven zijn over dingen die hen bezig houden zoals bijvoorbeeld de dood, wie ben ik, … Eigenlijk een beetje om te leren filosoferen zonder dat in angst te laten resulteren. Op het gesprek van vanavond ga ik even niet terug komen. Hem kennende, gaat hij daar nu een tijdje over nadenken en dan komen de volgende vragen.

    Wie tips heeft of zijn ervaringen wil delen over het omgaan met HSP bij kinderen, mag me altijd iets laten weten. Alvast bedankt…

  • Spreken voor een groep

    Ik heb zo een soulmate die soms nog zotter is dan ik. Onze zoontjes ontmoetten elkaar in een ver verleden bij de onthaalmoeder en sindsdien zijn ze beste vrienden. Wij dus ook 🙂 Omdat verhuizen van de ene koopwoning naar de andere nog niet hectisch genoeg is, besloot ze me mee te sleuren naar een lezing. Een lezing!

    Ik liet de dozen een avondje voor wat ze waren en ging met haar op pad. We zouden eens gaan luisteren naar een dame die ons alles zou vertellen over hoogsensitiviteit bij kinderen. Hoogsensitiviteit is iets wat in de familiale genen blijkt te zitten. Ik weet dat nog niet zo lang, maar sinds een familielid het me vertelde, begrijp ik een aantal dingen wel beter. Blijkbaar heb ik dit geschenk ook doorgegeven aan enkele telgen uit mijn kroost. Hoog tijd dus om me eens te verdiepen in hoogsensitiviteit bij kinderen. Zelfde verhaal bij de soulmate overigens.

    Zoals het hoort, arriveerden we fashionably late. Omdat wij helemaal het type zijn dat aan cultuur doet en voordrachten bijwoont dat het een lieve lust is *kuch*, vonden we dat we ons dat konden permitteren. Allez ja… Als je keuken er uit ziet zoals Normandië ergens nadat er daar een paar man met de boot arriveerde, dan heb je je autosleutels niet meteen gevonden. Die verhuis ook, tsss.

    Wij de zaal in. Net zoals in onze schooltijd ploften we netjes ergens achteraan op een stoeltje. De inleiding was net afgerond dus het echte werk kon beginnen. We zaten gespannen te wachten op het tipje van onze stoel met pen en papier in de aanslag. Want we zouden ijverig alle tips en tricks gaan noteren die we meekregen van deze bekwame spreekster. En dan zouden we weten hoe we onze zonen de beste opvoeding ooit kunnen geven. En we zouden al die tips ook doorgeven aan de school en bij uitbreiding aan de ganse vriendenkring zodat iedereen weet hoe ze onze gasten moet aanpakken. Wij zagen het misschien een beetje groots, ik geef het toe.

    En toen begon de mevrouw te babbelen. Een onzeker, krakend stemmetje probeerde de zaal te vullen. Deze stem paste helemaal niet bij de dame die vooraan stond. Zij is een expert in de materie, ze staat er mee op en gaat er mee slapen. Ze is nog eens ervaringsdeskundige ook dus ze weet helemaal waarover ze spreekt. En toch kon ze het publiek maar matig boeien. De zaal was gevuld met nieuwsgierige mama’s. Hier en daar zat naast een dame een man met een lang gezicht. Die had net ontdekt dat zijn smartphone waardeloos was in de betonnen zaal waar ze ons in stopten.

    En plots… Durfde een man het aan een vraag te stellen. De onverlaat had al slechte punten gescoord door laattijdig binnen te komen. Hij zat helemaal alleen achteraan. Vermoedelijk werd hij naar de lezing gestuurd door zijn partner of zijn mama. Hij was niet echt overtuigd van de materie die hier behandeld werd. Hij werd netjes op zijn plaats gezet door mevrouw de spreekster. Toch nog wat ambiance.

    Met gefronste wenkbrauwen bekeken de soulmate en ik elkaar. Dit is het niet. Hier gaan we niet horen wat we willen horen. Die mevrouw vooraan kent ongetwijfeld veel over hoogsensitiviteit, dat geloof ik oprecht. Maar ze kan het niet overbrengen. Dan schakel ik liever over naar plan B in plaats van een avond te verdoen. Plan B is eens te rade gaan bij mijnheer Google en enkele mama’s die ook vertrouwd zijn met het onderwerp.

    Tijd om efficiënt te handelen en onze tijdsbesteding nuttig te houden. We vluchten de zaal uit en rijden naar een gezellig cafeetje om na te praten over het onderwerp. We besluiten met de wijsheid dat we het eigenlijk zo slecht nog niet doen. We houden rekening waar mogelijk met het gegeven hoogsensitiviteit. We zorgen dat onze zonen leren hun gevoelens te verwoorden en assertief te denken en te handelen. We stimuleren hen om dit ook te oefenen. Ze gaan er komen, die mannen van ons.Onze toekomstige schoondochters of -zonen zullen ons later dankbaar zijn 🙂