Tag: VDAB

  • Keuzes maken

    Gisteren zag ik het toneelstuk ‘Brasserie’ in Leuven. Ik was onder de indruk. In al zijn eenvoud bracht het een erg krachtige boodschap over. En dit op een heel luchtige manier. 2 mensen stonden op het podium en vertelden een verhaal over keuzes. Hoe keuzes je leven beïnvloeden. Hoe moeilijk het soms is om een keuze te maken. Soms is een keuze een sprong in het duister. Je weet niet waar je keuze toe zal leiden. Of hoe je keuze je kan doen lijden.

    Kies je links of rechts? Of denk je dat je geen keuze maakt door rechtdoor te gaan? Ook niet kiezen is een keuze. Ga je altijd rechtdoor en negeer je de zijwegen of durf je onbekende terreinen te verkennen? Kies je voor zekerheid of neem je een risico dat mogelijks je situatie kan verbeteren?

    Zie je naast de pro’s ook de contra’s van je keuze? Denk je daar goed over na alvorens te kiezen? Evalueer je de keuzes die je tot nu toe maakte in je leven? Wat leer je daar uit? Wat zit goed en waar kon het beter anders gelopen zijn? Zijn er keuzes waar je spijt van hebt? Durf je die ‘verkeerde’ keuzes te beschouwen als leerervaringen zodat je ze positief kan aanwenden in je leven?

    GTB Vlaanderen

    ‘Brasserie’ werd gemaakt op vraag van GTB (Gespecialiseerde trajectbepaling en – begeleiding). Daar waren ze van mening dat ze met dit concept meer mensen op de juiste manier bereiken dan met een congres. Wel, ze hebben overschot van gelijk! De boodschap komt over en blijft hangen. Bij het verlaten van de zaal weet je dat trajectbegeleiding een positief verhaal kan zijn. Een verhaal waarin keuzes belangrijk zijn. Een verhaal ook waarin een trajectbegeleider zijn cliënt niet veroordeelt maar diens eerder gemaakte keuzes respecteert. En ook samen met de cliënt die keuzes analyseert om samen met hem de weg voor de toekomst uit te stippelen.

    Vaak is dat een verhaal van vallen en opstaan. En het zijn zeker niet allemaal succesverhalen. En profiteurs zullen er ook wel tussen zitten. Ik ben ze alleen nog niet tegen gekomen. In mijn hoofdberoep bij het OCMW geven wij kandidaten van GTB graag de kans om bij ons wat werkervaring op te doen tijdens een stage. Keer op keer zijn dat boeiende ervaringen waar wij als werkgever ook uit leren. Zelf ken ik in mijn omgeving mensen die begeleid worden door GTB. Wel ik kan u zeggen: zij zijn vragende partij voor een kans in onze maatschappij. Hetzij op de reguliere arbeidsmarkt, hetzij in een ander segment van de samenleving (bv vrijwilligerswerk). Het spijtige is dat ze moeten knokken om die kans te krijgen en dat het dan vaak nog niet lukt. Beeld je eens in wat die continue afwijzing doet met iemands zelfbeeld?

    Visie

    Wie mij kent, weet dat ik het respect voor de individuele keuzevrijheid enorm belangrijk vind. Ik geef mijn kinderen dat ook mee, hoe klein ze ook zijn. Iets waar je zelf voor kiest, doe je met meer passie dan iets wat je opgedrongen wordt. Soms heb je wat sturing nodig of iemand die je door het bos de bomen helpt te zien maar kiezen zou je uiteindelijk zelf moeten doen. Ook als dat niet evident is. Ook als je dat je een beetje angst inboezemt. Mensen zijn niet geholpen met betutteling.

    Wie mij kent, weet dat ik ook fan ben van activering. Let wel: ik ben daar niet radicaal in. Activering is een noodzaak voor zij die kunnen werken maar het niet willen. Wie valabele redenen heeft, zij het medische of andere, die kan rekenen op mijn begrip. Wie niet kiest voor bijvoorbeeld de werkloosheidsval of de leefloonval, die verdient een schouderklopje. Laat de vervangingsinkomsten en de leeflonen aan hen die ze echt nodig hebben. Het zal onze sociale zekerheid een stukje betaalbaarder maken.

    Want ook dat is soms een keuze: ga ik werken voor die 100 euro per maand dat het  me meer oplevert terwijl ik opvang moet zoeken, verplaatsingskosten moet maken, enz of kies ik voor een vervangingsinkomen waarbij ik geen sociale zekerheidsrechten opbouw. Waarom kies ik voor het ene of het andere?

     

  • VDAB heeft feedback van werkgevers nodig

    Vandaag las ik een artikel waar ik bijna appelblauwzeegroen van uitsloeg. Dit is het. Anno 2014 gaan de ogen van de VDAB open. Ze hebben de feedback nodig van werkgevers die sollicitanten over de vloer krijgen die door de VDAB begeleid worden. Sta me toe een sarcastische lach te onderdrukken. Nee, toch maar niet. Ik ga even schaterlachend over de grond rollen.

    Sollicitatiebewijzen

    Decennia lang is dit immers een grote bron van frustratie van personeelsverantwoordelijken overal te lande. Je schrijft een vacature uit, plaatst die gratis op de website van de VDAB en dan begint het. Je krijgt mails, telefoontjes en bureelbezoeken van hoooopen mensen. Er zitten oprecht geïnteresseerde kandidaten tussen, die helpen we met plezier verder. Helaas krijgen we vaak te horen ‘Ja, eigenlijk wil/kan ik hier niet komen werken hoor maar de VDAB heeft me gestuurd dus kunt u alstublieftdankuwel even een bewijsje geven dat ik hier gesolliciteerd heb?’ En weg zijn ze weer. Gerustgesteld dat ze weer een tijdje met rust gelaten worden want ze kunnen bewijzen van sollicitaties voorleggen. Zelfde verhaal voor werklozen die aan hun water voelen dat ze in de problemen dreigen te komen bij de RVA.

    Soms, maar lang niet altijd, eigenlijk meer niet dan wel, dus eigenlijk bijna nooit, stuurt de VDAB een formulier. Daar staat dan op wie ze naar ons doorverwezen om te solliciteren en dan vragen ze onze feedback. Als het me dan te hoog zit, neem ik de telefoon om een korte toelichting te geven bij mijn antwoorden. Wat je dan aan de andere kant van de lijn hoort, doet je niet bepaald zin krijgen om je energie nog langer in het invullen van dat formulier te stoppen.

    Databank werkzoekenden

    Nog een leuke is de databank van werkzoekenden die werkgevers gratis kunnen consulteren. Ik consulteer die soms als we knelpuntberoepvacatures ingevuld moeten krijgen. Het gaat hier dan vooral om verzorgenden en poetsvrouwen. Da’s zowaar nog leuker dan wat hierboven beschreven staat. Je zoekopdracht levert een aantal kandidaten op die voldoen aan de criteria die je opgaf. Dat kunnen zowel werkende als niet-werkende werkzoekenden zijn. Ze kunnen zichzelf online hebben ingeschreven of dat kan gebeurd zijn in samenspraak met een trajectbegeleider van bijvoorbeeld de VDAB.

    Je zou dan denken dat zoiets een garantie geeft op geïnteresseerde werkzoekenden die oprecht willen werken. Niets is minder waar. Of je krijgt ze niet aan de lijn. Of ze hebben een professioneel e-mailadres à la pijpthetwituitjeogen@hotmail.com (neen, dit verzin ik helaas niet). Of ze zijn Oost-Indisch doof als je de woorden ‘poetsdienst’ en ‘vacature’ gebruikt tijdens het gesprek. Of ze zeggen zonder boe of bah dat ze zich moesten laten inschrijven bij de VDAB maar dat ze liever met rust gelaten worden. En dat blijkt allemaal maar te kunnen en zonder gevolg te blijven.

    Vergeet de keerzijde niet

    Een werkgever wordt er niet bepaald vrolijk van. Helemaal moedeloos word je als je het omgekeerde mee maakt. Bij mijn vorige werkgever kwam een dame bij me langs. Ze was rond de 55 jaar. Die kunnen nog werken, da’s waar. Mààr… Deze mevrouw werd behandeld voor borstkanker. Dat heeft ze ook meegedeeld aan haar begeleidster bij de VDAB. Toch werd zij verplicht te komen solliciteren. Hier kon mijn verstand niet bij. Ik beloofde haar dat ik contact zou opnemen met de VDAB. Zo gezegd, zo gedaan. ‘Ja mevrouw, wij weten dat X ernstig ziek is maar dat belet haar niet om nu reeds op zoek te gaan naar een betrekking die zij na haar ziekteproces kan uitoefenen.’ Ik ga mijn antwoord op die mededeling censureren.

    Bezint eer ge begint

    Mijnheer Fons Leroy, ik heb niks tegen u. Integendeel. Het siert u dat u werkzoekenden beter wil begeleiden. Chapeau ook dat u controle en sanctionering een keertje kritisch wil bekijken. Maar alsjeblieft, consulteer eerst uw achterban (lees: uw personeel) vooraleer u zulke dingen zegt in de media. Veel collega’s van me hebben er vandaag een tros grijze haren bij gekregen. Kom gerust eens op de koffie, dan babbelen we er eens over.