Tag: Colruyt

  • Recept: kattentongen

    Recept: kattentongen

    Eenvoudig te maken, ideaal om met de kinderen te doen. Het recept vond ik in een reclamefolder van Colruyt…

    Benodigdheden:

    100 g boter op kamertemperatuur

    2 eieren

    100 g pure chocolade

    150 g gezeefde bloem

    100 g bloemsuiker (ik gebruikte 89 g en dat lukte ook)

    1 zakje vanillesuiker

    Mixer, mengkom, spuitzak, bakplaat, bakpapier.

     

    Werkwijze:

    Verwarm de oven voor op 200°C.

    Meng in een kom de boter (niet laten smelten) met de eieren, bloemsuiker en vanillesuiker. Vervolgens voeg je de bloem toe en je mengt tot een glad beslag.

    Leg het bakpapier op een bakplaat. Doe het deeg in de spuitzak en spuit hoopjes van +/- 5 cm op het bakpapier. Leg ze niet te kort bij elkaar want tijdens het bakken deinen ze wat uit.

    8 minuutjes laten bakken.

    Ondertussen kan je de chocolade laten smelten voor de afwerking. Dat kan au bain marie, ik gebruikte de microgolfoven.

    De koekjes zijn na het bakken vrij snel afgekoeld. De uiteinden van de koekjes dip je in de gesmolten chocolade. Je kan ook kiezen voor een andere versiering, da’s goesting 😉

    Niet vergeten de kom van de gesmolten chocolade leeg te likken met je kroost NADAT alle koekjes versierd zijn!

    IMG_1586

     

  • Paddenstoelen

    De oudste leert in het eerste leerjaar over paddenstoelen. Aan tafel levert dat volgende conversatie op:

    De Koter: ‘Wie heeft hier al eens een paddenstoel aangeraakt?’

    De papa fier: ‘Ikke!’ (paddenstoelen aanraken is heldenwerk)

    De Koter steekt zijn hand omhoog en zijn wijsvingertje wiegt van links naar rechts en weer terug.

    ‘Nééééé papa, dat mag jij niet doen! Paddenstoelen zijn gif en je mag daar nooit aan komen heeft meester Bart gezegd.’ Meester Bart is de held van onze oudste.

    De zus van 4 kan het niet laten zich te moeien in het gesprek. ‘Jamaar, als het een rode paddenstoel is met witte stippen, dan wonen daar toch kaboutertjes in?’

    En dan steekt mijn slecht brein de kop op. ‘Zal ik eens iets vertellen jongen?’

    Leergierig als hij is volgt er meteen, zonder nadenken ‘Ja mama!’ Tsss, hij zou beter moeten weten…

    Ach ja, we gaan er voor. ‘Soms hè, als je in de Colruyt champignons koopt, en je luistert héél goed, dan hoor je in de koeltoog kaboutertjes wenen omdat je hun huisje afpakt.’

    ‘Echt mama? Maar ik hoor dat nooit want in de Colruyt is veel lawaai.’

    Ik laat hem even nadenken. Yep, hij snapt’em. ‘Dus mama, in de Colruyt maken ze voor express lawaai zodat wij de kaboutertjes niet horen wenen?’

    – ‘Zo is dat jongen.’

    🙂