Tag: buitenschoolse opvang

  • De nuchterheid van een kind

    Raketman kan in zijn kinderlijke onschuld een mens in een wip terug met zijn 2 voetjes op de grond zetten. Vandaag moest ik onverwacht overwerken. De Wederhelft (mijn plan B) hing ergens tussen Londen en Brussel in de lucht. De kinderen gaan gewoontegetrouw naar de naschoolse opvang. Normaal zijn ze daar een kwartiertje en dan pik ik hen op. Vandaag was het dus onverwacht wat langer.

    Gelukkig had ik de kroost op voorhand verteld dat mama vandaag met veel mensen moest praten. Dat ze daardoor misschien wat langer in de opvang zouden zijn dan gewoonlijk. Ik had alleen niet voorzien dat onze kleinste zijn training van het basket om 18 u niet zou halen. De coach kon ik niet verwittigen want ik was aan het werk. De vorige training had mijn kleine raket al gemist omdat hij ziek was. Aiaiai toch, daar begon mijn moederhart zich schuldig te voelen. Hij kijkt altijd zo uit naar de training…

    In de opvang waren nog 3 kinderen toen ik arriveerde, 2 daarvan waren de mijne. Ploink, alweer een scheurtje in mijn hart. Tot ik hun snuitjes zag. Blinken dat ze deden omdat ze een hele film gezien hadden. Het speculaasje in hun handen zal er ook wel voor iets tussen gezeten hebben. Ik verontschuldigde me bij de kleinste omdat hij door mij niet kon gaan basketten. Met zijn grote ogen keek hij me aan en zei: ‘Da’s niet erg mama, jij moest vandaag toch met veel mensen praten hè. Ik weet dat nog hoor.’ Patat, knap zeg! Veel andere kinderen zouden boos of ongelukkig zijn als ze een training zouden missen maar hij nam het erg sportief op.

    Toen ik thuis de deur achter me dicht trok, ging mijn telefoon. De baas dat in mijn kaft papieren zitten die hij nog nodig heeft. Dat hij ze wel even komt oppikken. ‘Ik zal het wel binnenbrengen hoor baas, geen probleem.’ ‘Neenee, ik kom het wel gauw halen, ik vind dat niet erg.’ PANIEK! Na enkele dagen alleenstaande moeder geweest te zijn, zag het huis er uit als oorlogsgebied. Als een tornado vloog ik rond om toch een beetje orde in de chaos te scheppen.  De kleinste muisde er van onder om even naar het toilet te gaan. Het was me niet eens opgevallen in al mijn gedrevenheid.

    Iets later arriveerde de baas. Of hij niet te veel op de rommel wilde letten. Uiteraard niet, een man ziet dat niet. Terwijl we nog even praten bij de voordeur, hoor ik gestommel op de trap achter me. Daar staat hij dan in het midden van de trap: Raketman, met zijn broek en slip op zijn enkels, zijn handen in zijn zij. ‘Mamààà, ik heb kaka gedaan.’ En dan droogjes tegen mijn baas: ‘Wat kom jij hier doen?’ Mjah, gênanter kan het niet worden. Ik probeer zijn slip nog een beetje omhoog te trekken maar hij blijft rustig staan en slaat een babbeltje met de baas. Dit kind staat duidelijk zonder complexen in het leven en daar kan ik alleen maar gelukkig om zijn.

    Tegenover mezelf moet ik toegeven dat ik me voor niks zo slecht voelde. In de opvang wordt uitstekend voor de kinderen gezorgd, de wereld vergaat niet als je een keer zonder verwittigen ergens niet komt opdagen (maar ik heb de coach wel meteen een mailtje gestuurd waarom zoonlief er niet was) en we zijn allemaal maar mensen van vlees en bloed dus we gaan al eens de mist in. En als je 4 jaar bent, vindt men het nog schattig als je je kostbare stukken tentoonstelt 😉

     

     

  • Kleuterpret

    Vrijdagnamiddag. Op mijn beeldscherm zie ik de magische switch van 15:59 naar 16:00. Tijd om vliegensvlug al mijn spullen bij elkaar te zoeken en in de auto te springen. Aangekomen in de buitenschoolse kinderopvang, scan ik de ruimte op zoek naar mijn 3 kleuters. Eentje hangt te bengelen over een tafel, de andere plakt ergens achter een kast (we spelen alleen maar verstoppertje mama) en nummer drie, beter bekend als Raketman, zit mistroostig voor zich uit te staren. Hier is iets mis want normaal is het de kleinste die in de luster rondzwiert en sneller als zijn schaduw van plaats A naar plaats B vliegt. Vrij vlug krijg ik een verklaring van de andere kleuters en juffen van de opvang.

    De kleutertjes hadden vandaag sportdag op school. Goed nieuws voor mijn loslopend DNA, zo kunnen ze hun energie wat kwijt. Raketman heeft iets met ballen. Duw hem een bal in zijn handen en hij is vertrokken. Urenlang amuseert ie zich met voetballen, dribbelen, gooien (tegen het raam of tegen de deur uiteraard), verongelukken, enz. Zo ook tijdens de sportdag op school. Jeeeuuuujjjj bàl! Bal! BAL! Hij ging helemaal op in zijn spel en vond het niet nodig om uit zijn doppen te kijken.

    ‘En wat gebeurde er toen jongen?’

    -‘Boem mama.’

    Resultaat: zijn blauwe kijkers die zo mooi passen bij z’n wit varkenshaar zijn geschandaliseerd. 1 oog is nu ook rondom blauw, rood, gezwollen en geschaafd. Want als we vallen, dan vallen we natuurlijk net op het hoekje van een bank. Hij is nog geen meter hoog en toch slaagt ie er in de hoek van een bank mee te pikken. Op school hebben ze hem wat opgelapt en fijntjes een briefje in zijn boekentas gestopt met wat info.

    Ach ja, that’s life. Daar worden ze hard van, nietwaar? Ik had geen zin om ter plaatse nog uren te filosoferen en weltschmerzcrap uit te kramen omdat mijn rakker alweer wat blutsen en builen heeft. Hij is nu eenmaal de brokkenpiloot des huizes. Hoewel de hyperlakse zus er ook wat van kan. Ik verzamel de boekentassen en jassen, open de jacht op mijn kleuters en wil vertrekken. Plots spurt Raketman terug naar het boekentassenhoekje. Roloog bij mij want de tijd tikt genadeloos verder. Dit is de avondspits maat!

    Met enig argwaan bekijk ik de extra rugzak die hij me geeft. Dit kan maar 1 griezelig ding betekenen… Jules de klaspop komt logeren! Wait a minute… Ik heb een rugzak maar geen Jules. Laat het niet waar zijn dat die idioot al vermist is nog voor hij onze voordeur bereikt heeft! Maar nee hoor, Raketman zorgt voor Jules als een goede huisvader: hij heeft het mormel in zijn kleine boekentasje gewrongen. Goed gedaan jongen.

    En dan begint het… De sociale druk. Want jouw lieve kleine schat moet niet alleen goed zorgen voor Jules (lees: mama en papa hebben er een extra kind bij voor het weekend want die kleine interesseert zich geen fluit aan een pop die niks zegt of niet mee komt voetballen), je moet ook leuke dingen gaan doen. Ah ja, want anders kan je geen spectaculaire ellenlange opstellen, doorspekt met fotografisch bewijsmateriaal, in het dagboek van Jules neerpennen. Stel je eens voor dat de juf en de andere ouders denken dat je een doodnormaal gezin hebt dat doodnormale dingen doet. Dat is toch ondenkbaar, nietwaar?!