Tag: berlingo

  • Liefde is…

    … Elkaars auto in de prak rijden. Of elkaar in de prak rijden, dat hebben we ook al gedaan. Scherven brengen geluk, nietwaar?

    Vandaag was het weer zover. Ik mocht gaan werken met het vinnig bakje van de wederhelft. Hij had mijn Megamama-bus nodig om materiaal mee naar het werk te nemen. Geen probleem, ik vind dat een leuke afwisseling. Zijn firmawagen heeft tuutjes vooraan en achteraan. Voor een blondje als ik is dat een belangrijk voordeel. En mijn echtgenoot voelt zich wat meer ‘man’ als hij met een echte grote auto kan rijden in plaats van met een brooddoos.

    Ik bolde vrolijk naar het werk, parkeerde zonder moeite tussen 2 grote auto’s en wandelde al fluitend naar mijn bureau. Een uurtje later ging de telefoon. Mijn halve trouwboek. Of de Berlingo eerdaags toevallig niet op onderhoud moet? Of ze dan ineens een keertje naar de achterkant kunnen kijken of daar niks beschadigd is? Ergens in mijn achterhoofd ging een loeiharde sirene af. die waarschuwt mij voor dingen die niet kloppen. Bij mijn weten was mijn Berlingo vanochtend nog in orde. Ik heb er nog naar gezwaaid toen ik vertrok met het vinnige monster.

    Toen kwam de aap uit de mouw. Hij sprak de gevleugelde woorden ‘er heeft er ene in mijn gat gezeten’. Los van de beelden die toen door mijn hoofd spookten kan ik u vertellen dat zoiets nooit goed nieuws is. Met de bevallige bips van de wederhelft bleek alles echter ok. Het ging om mijn Berlingo! Op het eerste zicht is er geen schade maar met die parkeersensoren achteraan riskeer ik liever niks. Deze week gaan we dus al eens langs de garage om het beestje te laten nakijken. Het onderhoud zal voor volgende week zijn. De arme duts.

    Voor wie ongerust zou zijn: met de wederhelft is alles ok en de kindjes zaten ook niet in de auto toen het gebeurde 😉

  • Verkeersagressie in Diest

    Vrijdagavond… Weekend! Iedereen haast zich naar huis. Ik dus ook. Eerst even de kinderen oppikken in de opvang en dan rijden we goedgemutst… 150 m… om dan in de file te belanden ter hoogte van de Halve Maan. Grmpf, lang leve het mobiliteitsplan. Ik schuif flink mee aan en blijf er rustig bij. Want het is weekend. Het kan geen kwaad dat we wat later thuis zijn vandaag.

    Ter hoogte van het kruispunt met op de ene hoek Crélan en op de andere hoek één of ander bruin café, besluit ik een andere weg richting thuishaven te nemen. We slaan af naar links en passeren café De Zwaan en rouwcentrum Julis. So far so good: niks file hier, goedgeluimde mensen op het voetpad en langs beide straatkanten staan auto’s geparkeerd. Zo hebben ze daar voor een natuurlijke snelheidsremmer gezorgd.

    Dat maakt wel dat je maar moeilijk tweerichtingsverkeer in de straat kan organiseren maar hey, ’t is weekend en ik vind het niet erg.  We rijden richting kerkhof om dan naar rechts af te slaan en zo terug aan de Hasseltsepoort uit te komen. Dat is het plan althans. Als ik het einde van de straat nader, zo ongeveer waar de kasseien van de Vervoortplaats beginnen, doet er zich een akkefietje voor. Met mij. Maar ik ben vrolijk.

    Ik rijd netjes aan de juiste kant van de weg met mijn Berlingo, gevuld met 3 kinderen. Op de beschikbare oppervlakte welteverstaan, rekening houdend met de geparkeerde wagens op beide rijvakken. We rijden hoogstens 25 km/uur. Als je van de ring richting Vervoortplaats rijdt, heb je een erg slecht zicht op het verkeer dat van de Vervoortplaats komt om richting ring te rijden. De geparkeerde wagens aan beide straatkanten zijn geen hulp.

    Als er dan een dwaas in een gammel wrak komt afgeraasd tegen minstens 70 km/uur, heb je die al zeker niet gezien. Aangezien mijn Berlingo zich bevond waar ie zich moest bevinden, kon ik dus geen kant op. De lamstraal vond het maar normaal dat hij tegen onaangepaste snelheid de straat in wilde scheuren via het verkeerde rijvak. Ik had die dus echt niet zien afkomen hè. Ik schrok me rot en bleef met mijn Berlingo staan. Dit alles speelt zich af in amper 2 seconden. De bestuurder van het gammele wrak is erg boos op me. De raampjes van zijn wagen zijn dicht, die van mijn Berlingo ook.

    Toch hoor ik hem in het Broebeliaans allerlei verwensingen naar mijn hoofd slingeren. Ik was zo uit mijn lood geslagen dat ik het pas door had toen hij al uit het zicht was. Zelfs de kinderen hadden het opgemerkt. Wat heb ik in hemelsnaam verkeerd gedaan? Had ik een andere auto moeten rammen om mijnheer door te laten? Goed wetende dat ik dan ‘in fout’ ben en zelf kan opdraaien voor de kosten? Als hij wil spookrijden tegen hoge snelheid is dat zijn zaak maar dan zou ik graag hebben dat hij dat ergens in de brousse gaat doen waar hij er niemand mee kwaad kan doen.

    Een tegenligger die zich houdt aan de verkeersregels dan nog onverstaanbaar beginnen uitschelden, vind ik er wel ver over. Ik zie hem nog zo voor me: zijn pupillen wijd, zijn vuist omhoog. Het scheelde geen haar of hij knalde frontaal op mijn wagen. Gevuld met 3 kleine kinderen. Ik mag er niet aan denken.